Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. leder weekend krijgt u de hoogtepunten van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen.

Home » COVID-19 » Het RIVM vindt zelfverstopte paaseieren

Het RIVM vindt zelfverstopte paaseieren

Samenvatting van het artikel

De constatering van het RIVM in haar weekrapportage dat de Britse variant terrein wint in Nederland is niet gebaseerd op onderzoek, maar vloeit volledig voort uit de aannames van hun eigen model over die Britse variant. Zo vindt het RIVM haar zelf verstopte paaseieren. Ook Minister de Jonge blijkt dat niet te weten. Echte en actuele cijfers zijn juist broodnodig om te zien of maatregelen als een avondklok en sluiten van scholen werkelijk nodig waren/zijn.

Lees volledig artikel
Leestijd: 6 minuten

De ontwikkelingen van de afgelopen week

Gisteren heeft het RIVM weer een bijzondere truc uitgehaald bij haar berekeningen en de presentaties van de cijfers: zelf verstopte paaseieren gevonden. Informatie verspreid over de Britse variant in Nederland, die niet gebaseerd was op onderzoek in de afgelopen week, maar slechts op de aannames vooraf die in het eigen model waren gestopt! Maar zowel in de media als uit het commentaar van Minister de Jong zou je denken dat het gebaseerd was op de echte bevindingen van de afgelopen week.

Allereerst zijn alle cijfers de afgelopen week verder gedaald. Wat langzamer dan de vorige week, maar wel de goede richting op. De reproductiefactor wordt op 0,92 vastgesteld (op 8 januari). Op basis van de ziekenhuisopnames komt ons Green Team ook op dat cijfer uit voor die datum. 

Dit is de ontwikkeling van de kerncijfers, zoals wij die halen uit de database van het RIVM, GGD en NICE.

Besef daarbij dat de gele lijn niet de ontwikkeling is van de positieve testen op basis van de meldingsdatum van het RIVM, maar naar de eerste ziektedag of de testdag als de eerste ziektedag niet bekend is. De gele lijn is 5 dagen verschoven, om die te laten passen op de blauwe lijn (van de ziekenhuisopnames).

So far so good.

De Britse dreiging

Zowel bij de presentatie van het RIVM vorige week over de weekcijfers van die week als bij de argumentatie om de avondklok in te stellen, speelde de dreiging van het Britse variant de hoofdrol. Terwijl vorig week ook al alle cijfers daalden, ging het bij de toelichting van het RIVM toen eigenlijk alleen om die dreiging door die Britse variant. En dat was de basis van de verzwaring van de maatregelen tot 9 februari.

En ja, er zijn duidelijke aanwijzingen uit Engeland dat die Britse variant besmettelijker is. Na de eerste schattingen van 40% tot 70% denkt men inmiddels dat het 30% is of iets lager.

Het is dus begrijpelijk dat bij het weekrapport van het RIVM deze week alle aandacht was gericht op hoe het nu gaat met die Britse variant in Nederland. En in de toelichting van Aura Timen van het RIVM gisteren ging het dus met name daarover. Maar als je dan het persbericht leest en het weekrapport van het RIVM  ziet op zoek naar de basis voor die berweringen, dan val je van je stoel van verbazing.

Lees maar eerst even mee: De kop van het nieuwsbericht van het RIVM was:“Britse variant wint terrein in Nederland.” Dat bericht zien we gisteren en vandaag ook terug in alle media. Dat wordt dus als belangrijkste bevinding gezien! In dat persbericht van het RIVM staat dat tussen 4 en 10 januari de Britse variant 8,4% van de positieve testen uitmaakte.  En dan staat er “met modellering wordt geschat dat de afgelopen week (20-26 januari) meer dan een derde van van de besmettingen de Britse variant betreft.” 

Begrijp goed wat hier staat: Niet dat men na 10 januari heeft vastgesteld in hoeverre de Britse variant zich over Nederland heeft vespreid. Maar hier staat dat in het model ervan uitgegaan wordt dat – omdat voor 10 januari deze variant 8,4% van de positieven uitmaakte – het nu naar boven de 33% gestegen zal zijn. Terwijl bij zo’n weekrapport het er niet om gaat hoe het model was/is, maar hoe de zaken zich in de werkelijkheid ontwikkelen en je dan moet zien of je model klopt en aangepast moet worden! Want besef, dat cijfer van 8,4% was ook al 10 dagen geleden bekend (en stond in een brief van Minister de Jonge aan de kamer).

En op basis van dat model (dus niet op basis van waarnemingen) wordt de reproductiefactor berekend van de Britse variant in Nederland! Op 8 januari was de totale reproductiefactor volgens het RIVM 0,92 (de week ervoor 0,98). Expliciet wordt daarna vermeld dat de reproductiefactor van de Britse variant 1,27 is en die van de oude varianten 0,89.  Deze tekst staat er dan over die reproductiefactor van de Britse variant:

Hier staat dus dat uit deze hogere reproductiefactor van de Britse variant afgeleid kan worden dat de Britse variant besmettelijker is. Ja, zo lust ik er ook nog wel een paar! Je gaat in je model er vanuit dat de Britse variant een stuk besmettelijker is. Je komt vervolgens met cijfers op basis van het model. En dan zeg je dat hieruit afgeleid kan worden dat de Britse variant besmettelijker is. Een perfecte cirkelredenering.

En de mate waarin die variant besmettelijker is, hangt ook af van de aannames in het model. Stel dat het RIVM vooraf had aangenomen dat deze variant 50% besmettelijker was geweest, dan zou de reproductiefactor van de Britse variant in dit rapport nog hoger zijn geweest.

Voor dit weekrapport en de echte berekeningen was het cruciaal geweest dat er recentere informatie was geweest over hoeveel procent van de positieve testen  in Nederland de Britse variant betrof. 

De reactie van Minister de Jonge

Inmiddels weten we dat vrijdag 22 januari circa 4000 mensen positief zijn getest door de GGD. Eén van de laagste cijfers van de afgelopen 3,5 maand. Als men dan bijvoorbeeld van de 19e tot en met de 21e januari een steekproef had genomen van die positieve testen bij de GGD en vastgesteld zou hebben in welke mate de Britse variant echt aanwezig is in Nederland, dan zou men daaruit wél conclusies hebben kunnen trekken. Het echte aandeel van de Britse variant dan en de mate van stijging van die Britse variant in twee weken, had dan gebruikt kunnen worden om het verschil in reproductiefactor tussen de Britse variant en de rest écht te kunnen bepalen.

Het maakt een heel groot verschil uit als dit percentage dan 15%, 25% of 35% is. In het eerste geval zou de Britse reproductiefactor dicht bij 1,00 liggen.

Maar nee, hoor! Ook op dinsdag 26 januari is er nog geen recenter cijfer van de steekproef van de Britse variant in Nederland dan in de week van 4 tot en met 10 januari. Op deze site wordt bijgehouden hoe de verschillende varianten zich over de wereld verspreiden.  Als je daar kijkt, dan zie je hoe traag die informatie uit Nederland binnenkomt. Van 10 landen is de data afkomstig van 17 januari of recenter. Dat van Nederland op die site is van 7 januari. Die 8,4% staat al in een brief van Minister de Jonge op 17 januari aan de Tweede Kamer.  Maar 9 dagen later is er nog geen nieuwe waarde bepaald. Het lijkt op het tempo van bewegen van Nederland bij de mondkapjes voor de zorg, het uitbreiden van de testcapaciteit en de uitrol van het vaccineren. Bureaucratisch en langzaam.

Bij gebrek aan die recentere cijfers van de verspreiding van het Britse virus in Nederland zijn de gepresenteerde cijfers gisteren van het RIVM over de Britse variant exact de uitkomst van het model dat het RIVM er vooraf had ingestopt. Volgens dat model zou de afgelopen week een derde van de besmettingen met het Britse variant zijn geweest en de week ervoor circa 16%. Maar of dat echt zo was, niemand die dat op dit moment weet.

Helemaal ironisch was om gisteren het commentaar van Minister de Jonge te zien op dit nieuwe rapport van het RIVM. Hij zei dat deze geconstateerde hoge reproductiefactor van de Britse variant in Nederland wel aangaf dat de oorspronkelijke maatregelen in Nederland niet voldoende waren en er vorige week extra maatregelen genomen moesten worden.

Het is te hopen dat hij zich niet realiseerde dat wat het RIVM gisteren presenteerde, exact het model was waarop ze hun beslissingen toen hebben genomen en geen feitelijke cijfers waren, want anders vind ik het een gotspe dat hij deze toelichting heeft gegeven.

Het is eigenlijk onbegrijpelijk dat, als de Britse variant zo bepalend is voor het beleid in Nederland (zoals bij het instellen van de avondklok), dat er geen nieuwe vastgestelde cijfers van die Britse variant in Nederland bijgekomen zijn sinds meer dan 10 dagen. De ontwikkeling van die variant zou letterlijk van dag tot dag moeten worden gevolgd! Zeker als er dit weekend weer belangrijke besluiten worden genomen.

Laat u niet gek maken!

Het is onacceptabel dat het RIVM bij de communicatie over haar bevindingen deze week t.a.v. de Britse variant de eigen input van het model presenteert alsof dat feitelijke bevindingen zijn van de ontwikkelingen van die variant in Nederland. Het schept extra angst en het maakt goede besluitvorming alleen maar moeilijker.

Ik beweer niet dat de Britse variant niet besmettelijker is, of dat de cijfers van het model uiteindelijk niet dichtbij de werkelijkheid kunnen liggen. Maar wel dat we van eerlijke en transparante informatie moeten worden voorzien.

Als we nu naar de ontwikkelingen in het Verenigd Koninkrijk kijken, dan zien we dat er al twee weken sprake is van een daling. De reproductiefactor daar, terwijl de meerderheid van de besmettingen de Britse variant betreft, is nu ongeveer 0,9. Als die Britse variant 30% besmettelijker is, dan zou dit inhouden dat de overige varianten van het virus nu in Engeland een reproductiefactor moeten hebben van ongeveer 0,6 of 0,7. Een onwaarschijnlijk laag getal voor hartje winter.  Ja, ook in Engeland zijn er strenge maatregelen genomen. Maar als nu in Engeland die Britse variant duidelijk onder de 1 is, waarom zou die dan nu ook niet rond de 1 in Nederland zijn in plaats van het cijfer van 1,27 van het RIVM, dat uit het model afkomstig is?

En ik waarschuw u nu al vast. Laat u zich niet gek maken door de cijfers die de komende drie dagen door het RIVM als dagcijfers worden gepresenteerd. Dat het gisteren 4000 waren, komt vooral doordat dit vooral de cijfers zijn van de testen die in het weekend zijn uitgevoerd. Dat is doorgaans een factor 30% lager dan aan het begin van de week. Op basis daarvan kan aangenomen worden dat de komende drie dagen de dagcijfers van het RIVM zo tussen de 4800 en 5500 zullen komen te liggen. En dat is dan (nog) zeker niet het bewijs dat de Britse variant in Nederland sterk aan het toeslaan is. Dat kan pas als er op dagelijkse basis grote steekproeven worden genomen uit de positieve testen om te zien hoe het zit met de verschillende varianten.

Volg onze dagelijkse verslaglegging op deze plek (rond 18 uur) en u weet precies hoe de ontwikkelingen in Nederland zijn. Als u zich inschrijft voor een alert, dan krijgt u een melding van de plaatsing van de nieuwe cijfers. (rechtsboven in het groene balkje).

Laat ons de echte paaseieren vinden voor u en steun ons met af en toe een (kleine) financiële donatie en klik hier. 

 

 

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

  • MEER OVER
BEKIJK OOK