Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. ledere zaterdag krijgt u de hoogteputen van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen

De aerosolen-ontkenners

We hebben er een nieuwe categorie “-ontkenners” bij: de aerosolen-ontkenners. Wetenschappers die schermen met “wij zijn louter wetenschappelijk bezig”,  maar in werkelijkheid juist handelen vanuit (on-)macht. Ze zijn onwillig om zich open te stellen voor feiten. En bij deze coronacrisis zijn zij verantwoordelijk voor heel veel onnodige schade.

 

Helaas zijn er heel veel van deze mensen. Ze vormen een machtsblok binnen de WHO en ook in Nederland beheersen zij het RIVM en het OMT. Van Dissel is daar de spreekbuis van.

De WHO (en RIVM) hebben vanaf begin dit jaar gesteld dat COVID-19 via direct contact wordt verspreid. Dus grotere druppels die jou kunnen treffen als je te dichtbij een besmettelijk persoon bent of dat je oppervlaktes aanraakt waar die grotere druppels op terecht zijn gekomen en waarmee je vervolgens het virus in je ogen wrijft.

De rol van aerosolen werd alleen benoemd in het kader van het ontstaan ten gevolge van bepaalde medische procedures, zoals op 29 maart op de website van de WHO vermeld werd.

Als niet-medicus die zich vooral met data-analyses van de verspreiding van het virus bezighield, heb ik daaraan tot half maart niet getwijfeld. Zulke belangrijke instanties en mensen die zich jarenlang met virussen en epidemieën bezighouden, zouden het toch wel weten!

Maar de patronen die ik zag bij het verspreiden van het virus (dat zich toen nog beperkte tussen 30 en 50 graden NB bij bepaalde weersomstandigheden) kon ik niet goed verklaren, als de verspreiding alleen via direct contact zou verlopen.

Op 27 maart beschreef ik mijn zoektocht en ook dat er een verklaring gevonden kon worden in druppeltjes die veel langer konden zweven, zoals ik in de literatuur was tegengekomen.

Door nieuwe informatie (met name de gebeurtenissen bij een koor in Seattle waar meer dan 80% van de aanwezigen werd besmet, waarover de L.A. Times eind maart over schreef) en informatie uit Japan en Zuid-Korea kwam ik op 2 april tot de conclusie dat aerosolen een belangrijke rol speelden bij de verspreiding van het virus. Daarna kreeg ik daarvan steeds meer bevestigingen en kwam ik ook steeds meer wetenschappers tegen die dezelfde conclusies hadden getrokken.

Veel van de ontwikkelingen rondom de verspreiding van COVID-19 waren veel beter verklaarbaar door de verspreiding via aerosolen, dan door direct contact. De vele uitbraken in slachterijen wereldwijd vielen daar ook onder, zoals ik op 1 mei beschreef. Dat waren echte coronahotspots. Koude omstandigheden en slechte ventilatie waren optimale omstandigheden voor het virus om lang in de lucht te blijven zweven.

Maar als ik Van Dissel hoorde over het onderwerp van aerosolen bij de sessies in de Tweede Kamer (vanaf 1 uur 23 minuten), of het OMT advies las van 25 mei jl. dan werd het belang hiervan volledig ontkend. En dat is met wat kleine aanpassingen nog steeds het geval. “Het komt misschien wel voor, maar het belang ervan is klein”.

Aan de hand van een aantal invalshoeken zal ik laten zien hoe verbijsterd ik eigenlijk ben over de halsstarrigheid van die opvattingen. Dat ik niet kan begrijpen dat ze hun standpunten inmiddels niet hebben gewijzigd. Hoe hun argumentaties eigenlijk elke logica tarten. En last but not least: welke enorme schadelijke gevolgen dat had en heeft.

 

  1. Aerosolen zijn al lang bekend

Het is niet zo dat aerosolen bij virologen en epidemiologen volledig onbekend zijn. Bij het mazelen-virus is dat de algemeen erkende weg om besmet te worden. Bij de SARS-uitbraak in 2003 wordt dat ook als een besmettingsweg omschreven. (1,2)

Er zijn veel studies die over influenza gaan, waar beschreven wordt dat aerosolen een belangrijke rol spelen. Eén van die studies is zelfs van medewerkers van het RIVM uit 2010. Hun conclusie staat hier omschreven op, nota bene, de website van het RIVM.

 

De grote vraag is dan: hoe weet men dan eigenlijk zo zeker dat aerosolen bij COVID-19 geen rol spelen, als dat bij andere infectieziekte van de luchtwegen wel als besmettingsweg wordt (h)erkend?

Waar komt die stelligheid vandaan, en hoe komt het dat maandenlang vrijwel geen enkele viroloog of epidemioloog in de wereld het onderwerp “COVID-19 wordt ook verspreid via aerosolen” als mogelijkheid opperde?

Ik heb daar geen wetenschappelijke reden voor teruggevonden. Noch voor de zekerheid van de druppelinfectie als de enige weg van infectie met COVID-19 (noch trouwens voor het aanhouden van de 1,5 meter afstand).

 

  1. Het dogma van WHO/RIVM

Ik dacht altijd dat wetenschappers vrijelijk discussieerden over bevindingen, conclusies en alternatieve theorieën. Dat brengt je ten slotte verder.

Maar ten aanzien van de verspreiding van COVID-19 heb ik helaas moeten vaststellen dat juist het tegendeel het geval is. In het openbaar conformeren vrijwel alle virologen, epidemiologen en microbiologen zich onvoorwaardelijk aan de standpunten van WHO en RIVM. Zelfs als ik via één-op-één contacten veel genuanceerdere standpunten hoorde, hoorde ik dat naar buiten toe niet (helaas ook niet van de bewuste personen). Het lijkt wel een soort omerta. En het trieste is dat journalisten daar niet doorheen konden of wilden breken. Zo fungeerden ze (vaak ongewild) als slippendragers van de macht.

Als men überhaupt aandacht schonk aan mij of mijn bevindingen, dan ging het altijd gepaard met een commentaar van één van die deskundigen, waarvan de namen inmiddels meer bekend zijn dan van de meeste voetballers, die dat wegschoof met één van de WHO/RIVM-standpunten. Maar bij veel media werden mijn bevindingen niet eens gemeld, omdat ze afweken van het WHO/RIVM-standpunt en/of werd ik weggezet als amateur of erger. Inhoudelijk heeft geen lezer van De Volkskrant ooit vernomen wat mijn bevindingen waren. Wel omschreef Maarten Keulemans, de wetenschapjournalist, op twitter, een van mijn artikelen over mijn bevindingen als “een natte scheet”.

 

  1. Het ontkennen van de aerosolen bij superspreading events

Als je dogmatisch vasthoudt aan een standpunt waarvan de fundering eigenlijk al volledig weggeslagen is, dan moet je je in allerlei bochten wringen om waarnemingen die daar niet in passen, toch te verklaren. Dat je daarmee elke logica tart, maakt dan niet uit. Zeker als de toehoorders er niet doorheen prikken.

Ik heb er de afgelopen maanden al vele omschreven, ik zal er een aantal memoreren:

  • Over het besmet worden van grote aantallen koorleden bij repetities: “Ja, maar ze hebben nog wel in de koffiehoek bij elkaar gestaan”.
  • Over de vele grootschalige uitbraken bij slachterijen wereldwijd: “Dat komt door de slechte woonomstandigheden van de (buitenlandse) werknemers”
  • En terwijl de besmettingscijfers van partners van patiënten thuis wereldwijd slechts tussen 20 en 30% zaten, vond men toch altijd wel een verklaring voor besmettingen bij gelegenheden (zoals in cafés, bij feesten, kerken, begrafenissen) waar binnen een paar uur meer dan de helft besmet was, “dat men zich toch niet aan de 1,5 meter had gehouden”. Alsof dat thuis dan wel zou gebeuren.

In dezelfde categorie valt eigenlijk ook dat men met hand en tand wil volhouden dat mensen buiten ook een behoorlijke kans lopen om besmet te worden. (Want als dat namelijk niet het geval zou zijn, dan maakt dat de kans dat je binnen vooral besmet wordt via aerosolen veel waarschijnlijk). Het OMT (en premier Rutte) aarzelen niet om met grote stelligheid te beweren dat in het stadion van Milaan bij de wedstrijd Atalanta Bergamo-Valencia heel veel mensen zijn besmet. Terwijl de kans dat dit in het stadion is gebeurd, uitermate klein is.

Als je dit rapport leest over de uitbraak bij het koor in de buurt van Seattle en dit recente rapport over de uitbraak bij de vleesverwerkende industrie bij Gütersloh en je beweert nog steeds dat aerosolen geen rol spelen, dan verdien je het niet om nog door iemand serieus genomen te worden.

 

  1. Het bewijzen van de onmogelijkheid van aerosolen door te vergelijken met mazelen

De omgekeerde bewijsvoering die we vaak horen, dat de reproductiefactor van COVID-19 van 2,5 veel kleiner is dan die van mazelen, waarvan men wel zeker is dat die aerogeen zich verspreidt, zodat dat bij COVID-19 niet het geval kan zijn, is ook zo’n zwak gelegenheidsargument.

Twee belangrijke bewijzen tegen deze opstelling:

  • COVID-19 verspreidt zich op een wijze die beschreven is als: 10% besmet de volgende 80%, 20% besmet nog eens 20%, en 70% besmet niemand. Bij een reproductiefactor van 2,5 voor COVID-19 houdt dit in dat die eerste 10% gemiddeld 20 anderen besmetten. Dat is hier uitgebreid uitgelegd. Dus als blijkbaar die eerste 10% gemiddeld per persoon 20 anderen kunnen besmetten, dan kan dat eigenlijk niet anders dan via de lucht geschieden. Want dat is namelijk direct af te leiden uit de opstelling dat mazelen met een reproductiefactor van 12 tot 20 de maatstaf blijkbaar is voor het via de lucht besmet worden.
  • Maar een tweede argument is mij onlangs aangedragen door bezoekers van mijn site. Stel dat je 1.000 eenheden mazelenvirus moet inademen om echt ziek te worden en 20.000 eenheden COVID-19, dan kan alleen dat al zorgen voor een veel lagere reproductiefactor. Kortom, het argument van de lagere reproductiefactor van COVID-19 dat pleit tegen het zweefgedrag van het virus, is niet valide.

 

  1. Er zou geen bewijs zijn dat de microdruppels ook echt COVID-19 virus bevatten waarmee je besmet wordt.

Ook dit is een argument dat je te pas en te onpas hoort. Prof. Voss hanteert die steeds. Dan wordt ook vaak Sander Herfst opgevoerd, die bij het Erasmus MC onderzoek met fretten heeft gedaan. Hier zie je daar een verslag over.

Inmiddels is er dit onderzoek, waar wel het bewijs in staat dat het virus zich in aerosoles bevindt.

En hier zie je een tweet van een belangrijke Amerikaanse viroloog hierover.

Maar ook dit bewijs zal wel weer met een serie drogredenen afgewimpeld worden.

Pikant is daarbij dat ik van een Amerikaanse specialist vernam dat tot nu toe nog nooit direct was bewezen dat er in de aerosolen van mazelen virusdeeltjes zaten die besmettelijk konden zijn!

En daar zit trouwens ook de sleutel. Heel veel bewijs van ieder standpunt is indirect. Juist omdat er zoveel mensen bij mazelen besmet worden kan dat alleen maar door de lucht zijn gegaan. En moeten er wel virusdeeltjes in de aerosolen zitten die mensen kunnen infecteren. Dat maakt het bewijs rond.

Maar als men dat op deze manier accepteert bij mazelen, waarom doet men dat dan niet bij COVID-19?

 

Dogmatici

Als u dit bovenstaande nog geen goede onderbouwing vindt voor de term “aerosolen-ontkenners” dan roep ik in de herinnering op wat in de New York Times stond in het kader van de brief van de 239 wetenschappers aan de WHO.

De commissie voor infectiepreventie en -bestrijding…, aldus de deskundigen, is gebonden aan een starre en te sterk gemedicaliseerde kijk op wetenschappelijk bewijs, is traag en risicomijdend bij het actualiseren van de begeleiding en laat een paar conservatieve stemmen toe om afwijkende meningen weg te schreeuwen.

“Ze gaan liever dood dan dat ze hun mening veranderen” zei een WHO-adviseur die niet geïdentificeerd wenste te worden vanwege haar voortdurende werk voor de organisatie

.
Nu gaat dit alles niet om een -op zichzelf interessante- wetenschappelijke discussie over een belangwekkend onderwerp. Maar het gaat over een onderwerp met gigantische consequenties voor de hele wereld. Niet alleen qua volksgezondheid, maar ook economisch, sociaal, etc.

Het erge is daarbij ook, dat als men dan toch wel -schoorvoetend- onderkent dat aerosolen een rol kunnen spelen, dan moet en zal het natuurlijk slechts een kleine rol zijn. Want alleen op die manier kan men uitstralen dat men het met het oorspronkelijke standpunt eigenlijk toch ook bij het goede eind had.

Maar de aerosolen spelen een grote, zelfs cruciale rol, bij de verspreiding van COVID-19. Ik heb het al vele malen uitgelegd, bijvoorbeeld hier. Bij superspreading events vinden de besmettingen vrijwel allemaal plaats via aerosolen. En de superspreading events zijn de aanjagers van de exponentiële groei van het virus. (10% van de mensen besmet 80% van de anderen, dus 1 persoon uit die groep besmet er gemiddeld 20).

Dat de aerosolen-ontkenners voortdurend op de rem blijven trappen en het met schijnargumenten en drogredenen blijven afwijzen, welk bewijs zich ook aandient, heeft tot gevolg dat het aantal slachtoffers nog steeds op veel plekken in de wereld toeneemt. En als zij dat gedrag in Nederland volhouden, zullen we ook in het najaar in Nederland de wrange vruchten gaan plukken. Hetzij door een sterke toename van het aantal besmettingen en/of door maatregelen die de economie en samenleving verder afknellen.

Het erge van alles vind ik hoe het RIVM, OMT en andere deskundigen, het woord “wetenschappelijk”  misbruiken.  Denk je echt dat de discussies binnen het RIVM of OMT worden beslecht op basis van wetenschappelijke argumenten, als je dit bovenstaande leest?

Zowel over dit onderwerp als over mondkapjes, weet ik ook uit betrouwbare bron, zijn grote tegenstellingen onder de leden van het OMT.  Wat er vervolgens uitkomt zal een soort compromis zijn, waarbij in ieder geval gezorgd wordt dat het oorspronkelijke standpunt in stand gehouden kan worden.

Kijk maar wat er gisteren is gebeurd rondom de mondkapjes. Een RIVM-deskundige bij het journaal en een OMT-lid bij EenVandaag sorteerden daar al op voor.  Er zouden onderzoeken zijn die aangaven dat mondkapjes ervoor zorgen dat de mensen zich beter aan de 1,5 meter afstand houden.

Ik weet dan echt niet of ik dan moet lachen of huilen, want er zijn eerder aanwijzingen dat het andersom is.

Maar ik weet precies waarom het gisteravond zo werd gezegd in het nieuws. Omdat men dit dan als argument kan gebruiken bij het advies dat men uitbrengt.  Want dan zal men zeggen:  “Het belangrijkste is dat mensen zich aan de 1,5 meter houden. Dat doen ze nu steeds minder. Daarom hebben we meer besmettingen. Het is niet aangetoond dat mondkapjes werken ten aanzien van het beschermen tegen besmetten. Maar wel dat men de 1,5 meter aanhoudt. Dus daarom bevelen we het aan”.  (lees hierover anders nog even mijn blog over de timmerlieden van de WHO en RIVM met de cirkelredeneringen over de 1,5 meter).

En op dezelfde manier zullen ze blijven omgaan met aerosolen. Hooguit gaat men erkennen dat ze in hele specifieke situaties een rol spelen, maar voor de rest worden we besmet via directe druppels en moeten we ons goed aan de voorschriften houden inzake de 1,5 meter en de persoonlijke hygiëne. Maar besef dat deze instructies komen van een groep dogmatici die zich verschuilen achter de term “wetenschappers”. En bestuurders praten die, helaas, na, zonder dat ze blijkbaar beseffen hoe wankel de basis is.

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

BEKIJK OOK