Naar dit onhoudbare addendum verwees Van Dissel

Op 31 mei plaatste ik het blog “factchecking het OMT”. Dat ging over zowel het deel van het addendum, dat handelde over het al dan niet buiten besmet worden, en over aerosols. Vandaag verwees Van Dissel naar dit addendum. Ik nodig u uit om nog even dat deel terug te lezen. U treft het hieronder aan.

Verspreidt het virus zich al dan niet door de lucht?

Dit is de tekst van het addendum. De nummers erachter betreffen de factchecking opmerkingen

Een aerosol: een wolk van grote en kleine druppels en druppelkernen

Bij spreken, hoesten en niezen worden aerosolen gevormd, d.i. een wolk van grote en kleine druppels en druppelkernen. Bij zingen en bij schreeuwen is de verhouding groter en kleine druppeltjes anders dan bij spreken. Ook temperatuur en luchtvochtigheid beïnvloeden de samenstelling van de wolk druppels. Grote en fijne, kleine druppels in een aerosol, vormen een continuüm, maar wat betreft de verspreiding van virussen (druppels vs. aerogeen) is het onderscheid belangrijk. Grote druppels kunnen infectieus virus bevatten en reiken tot circa 1.5 meter. Aerogene verspreiding betreft overdracht via fijne, kleine druppels en druppelkernen, die lang in de lucht blijven zweven en veel verder komen dan grote druppels. Maar de vraag is of en hoe lang deze kleine druppels infectiues SARS-CoV-2 bevatten. Er zijn verschillende argumenten dat fijne kleine druppeltjes slechts een beperkte rol spelen in de COVID-19 uitbraak:

Allereerst, het basis reproductiegetal van SARS-CoV-2 bedraagt circa 2.2. tot 2.8. Dit is ongeveer gelijk aan dat van andere luchtweginfecties, zoals influenza dat eveneens door grote druppels overgedragen wordt (1).

Virusziektes zoals mazelen, die aerogeen via fijne, kleine druppels verspreid worden, hebben karakteristiek een veel hoger reproductiegetal, tussen de 12 en 20 (2).

Ten tweede, de genomen maatregelen zijn gericht op het vermijden van virusoverdracht door grote druppels, en de maatregelen hebben effect. Als coronavirus aerogeen verspreid zou worden, dan hadden de 1,5 meter-afstandsmaatregelen geen effect gehad. (3).

 

Onze factcheck is:

  1. Ook ten aanzien van influenza zijn er diverse studies en auteurs die wijzen op de verspreiding van het virus via de lucht. Een klassiek geval uit 1977 is die van een vliegtuig dat 5 uur op een landingsbaan stond zonder luchtverversing. 38 van de 52 passagiers kregen griepachtige verschijnselen nadien.

Op de website van het Ministerie van Volksgezondheid/RIVM staat bij de influenzarichtlijnen zelfs de volgende tekst:

Transmissie is door de lucht via druppels ≥ 10 μm over korte afstand (face-to-face). Overdracht via druppelkernen < 10 μm, die lange tijd en over een grote afstand (kilometers) kunnen blijven zweven, speelt ook een rol,, maar de relatieve bijdrage qua overdrachtskans ten opzichte van druppels is nog niet bekend

Er zijn ook andere studies van voor 2020 die wijzen op de aerogene verspreiding van influenza.

Dit  staat bijvoorbeeld in een studie uit 2013

(Daarnaast hebben we vorige week een verslag geschreven van het boek van Wells uit 1955 waarin muizen heel ziek werden van aerosols met influenzavirus en veel  minder van grote druppels. De reden zou o.a. zijn dat een grote druppel in de neus nog niet bij de longen terecht hoeft te komen en het inademen van de microdruppels wel direct in de longen terechtkomt).

Conclusie: het argument dat influenza ook (alleen) via grote druppels wordt overgedragen is niet via onderzoek onderbouwd en is slechts een aanname.

  1. Mazelen wordt inderdaad via de lucht verspreid en heeft een hoge reproductiefactor. Dit argument, dat ook regelmatig in de media door o.a. prof. Voss wordt gebezigd, houdt dus in dat alleen via de lucht grote aantallen mensen tegelijk besmet kunnen worden. Het is inderdaad uiterst onwaarschijnlijk dat via direct contact met een besmet persoon tientallen personen worden besmet.

Waar bij deze redenering echter aan voorbij wordt gegaan is dat de R0-waarde een gemiddelde is van de verspreiding van een virus. Een reproductiefactor van 2 betekent niet dat ieder besmet persoon 2 andere personen besmet. Het kan theoretisch ook zo zijn dat van de 100 personen er 99 zijn die geen enkel ander persoon besmet, en dat die 1 wel 200 personen besmet.

Dat wordt in de epidemiologie aangeduid met de ‘dispersiefactor’. Bij een waarde van 1 besmet iedere besmette persoon inderdaad 2 andere personen. Maar bij een waarde dichtbij 0 is die verhouding heel scheef (bijvoorbeeld 10% van de besmette personen is verantwoordelijk voor 80% van alle andere besmettingen.

Er komt steeds meer bewijs dat bij COVID-19 juist dit het geval is. In zijn recente podcast beschrijft prof. Christian Drosten dit uitvoerig.

In ieder geval zijn er vele voorbeelden van bijeenkomsten waar in één klap veel mensen zijn besmet (superspreadevents):

In deze recente studie staat trouwens o.a. dat SARS-CoV-1 in 2003 vooral via de lucht ging. Waarom zou het dan bij SARS-CoV-2 vrijwel zeker niet zo zijn?

Maar eigenlijk bewijst het OMT dit zelf ook al ten aanzien van COVID-19, zonder dat ze dit blijkbaar door hebben: het OMT stelt via het voorbeeld van de mazelen dat hoge aantallen besmette personen alleen maar kunnen geschieden via een besmetting via de lucht (en dus ook op grotere afstand dan 1,5 meter).

Alleen al de bovenstaande voorbeelden (en er zijn veel meer) kunnen volgens dezelfde argumentatie van het OMT dus ALLEEN maar wijzen op besmetting via de lucht. Men moet zich in veel bochten wringen om deze grote aantallen besmettingen toe te kennen aan het direct besmet worden binnen 1,5 meter. En het massaal besmet worden via oppervlaktes is ook geen reëele verklaring.  Enerzijds omdat de plek met de meeste besmette oppervlaktes, namelijk in het huis van een patiënt, niet leidt tot een hoog percentage besmette huisgenoten. Anderzijds omdat er nu twee onderzoeksgroepen (Duitsland en Israel) zijn die melden COVID-19 samples afgenomen te hebben van besmette personen en op basis daarvan tot de conclusie komen dat je niet op die manier besmet wordt.

Prof. Drosten komt de afgelopen week hierdoor o.a. tot de volgende conclusie: Druppeltjesoverdracht blijft ook een rol spelen…… Maar in verhouding tot de aerosoloverdracht is het waarschijnlijk een kleinere component

Conclusie: Verkeerd toepassen van logica. Juist doordat mazelen als voorbeeld wordt gezien als het besmetten via de lucht, omdat er dan zoveel mensen tegelijk worden besmet, bewijzen de superspreading events bij COVID-19 met hoge aantallen besmette personen wel degelijk op besmetting via een aerogene weg.

  1. Dat na de lockdown het aantal besmettingen aanzienlijk is afgenomen wordt door het OMT toegeschreven aan de maatregelen van 1,5 meter afstand houdeen, zoals er staat vermeld. En dat is vervolgens het bewijs dat er geen aerogene verspreiding plaatsvindt, volgens het OMT

Het is moeilijk aan te geven hoeveel zaken fout zijn bij deze manier van redeneren. Maar het typeert eigenlijk de wijze waarop het RIVM en OMT de afgelopen maanden opereren.

Door de maatregelen van de lockdown zijn ook bijeenkomsten met (grote) groepen mensen verboden. Dus de kans dat er besmettingen tijdens superspreading events plaatsvonden erna is ook sterk verlaagd.

Er is geen enkel bewijs van in welke mate ieder van de maatregelen heeft gezorgd voor de verlaging van het aantal besmettingen. Dus de slotconclusie: “Als coronavirus aerogeen verspreid zou worden, dan hadden de 1,5 meter-afstandsmaatregelen geen effect gehad” is een redeneerfout van de hoogste categorie.

Er had net zo goed kunnen staan “Als coronavirus via druppels verspreid zou worden, dan had de maatregel om alle activiteiten met meerdere mensen te verbieden, geen effect gehad”. En ook dat was dan een kanjer van een redeneerfout geweest.

De Volkskrant beschreef op 30 mei het grote effect van superspreading events. In het verlengde van prof. Christaan Drosten die op 26 mei in een podcast zei: Druppeltjesoverdracht blijft ook een rol spelen. Maar in verhouding tot de aerosoloverdracht is het waarschijnlijk een kleinere component.

Conclusie: Dit is een drogreden van de categorie Non Sequitur (het volgt er niet uit). Met behulp van een kanjer van een redeneerfout wordt een conclusie getrokken. 

Dit onderdeel wordt afgesloten met de volgende hartenkreet van prof. Morwaska:

Maar die oproep wordt duidelijk niet gehoord door prof. Van Dissel. Die gaf gisterenochtend een interview aan de NOS, waar hij veel van het hierboven gefactcheckte weer herhaalde en nog meer. Dit deel komt zonder verder commentaar. De conclusies kunt u zelf trekken.

 

 

 

 

20 antwoorden
  1. Wouter De Heij
    Wouter De Heij zegt:

    Ik vermoed dat de dosis bij mazelen waarop je ziek wordt veel lager is waardoor mazelen bij maar een “paar deeltjes” tot infectie leidt. Bij Corona heb je een hogere dosis nodig. De R waarde blijven gebruiken om verschillende soorten virussen te vergelijken lijkt me daarom een over versimpeling vd werkelijkheid. En je mag zeker geen conclusies trekken tav aerosolen of niet.

    Beantwoorden
  2. R. Zwart
    R. Zwart zegt:

    Wat gek, dat interview van Van Dissel aan de NOS lijkt qua opmerkingen van Van Dissel exact op een interview van circa 4 weken geleden bij dezelfde NOS. Zelfs tot aan de opmerking over Drost toe. Het lijkt wel of ze een oude tekst hebben gercycled. Of anders is het RIVM echt wel zeer standvastig (lees koppig en eigenwijs). Gezien de zeer ernstig foute aannames van het RIVM en januari, februari en maart dit jaar zou juist een meer kritische en reflectieve en open houding m.i. essentieel zijn om nu wel tot goed beleid te komen.
    Ik begreep uit de NRC van zaterdag 20 juni dat het RIVM qua virologie een zeer gerenomeerd instituut is en internationaal vermaard is. Misschien leidt dat nu juist wel tot een misplaatst soort arrogantie en het niet willen toegeven dat het RIVM veel niet weet.

    Beantwoorden
    • Erik
      Erik zegt:

      Dat klinkt aannemelijk. De kracht van het RIVM zit hem tijdens deze crisis in ieder geval niet in adaptief vermogen (behalve tov de WHO), zelfreflectie en waarheidsvinding. Meer politiek en gezichtsverlies voorkomen dan wetenschap.

      Beantwoorden
  3. Henri
    Henri zegt:

    Het gemak waarmee WHO en RIVM de besmetting via aerosolen uitsluit is schokkend.

    Aerosolen zijn namelijk niets anders dan kleinere deeltjes dan druppels. Beide kunnen virusdeeltjes bevatten, die afgezien van het aantal wat er inpast, een identiek effect kunnen hebben op de persoon die de deeltjes inademt; die kan ziek worden.

    De zeer hoge besmettelijkheid van Covid-19 wijst op aerosolen. Omdat er slechts een fractie van de mensen eindigt in het ziekenhuis (ook volgens RIVM), de incubatietijd gemiddeld 5 dagen is, kan met de juiste aannamen de R toch ongeveer uitgerekend worden voor Nederland?

    Beantwoorden
    • Frans
      Frans zegt:

      Mijnheer de Hond, kunt u met uw zeer waardevolle inzichten geen protocol opstellen voor de koren die na de zomer weer willen beginnen met zingen? Koornetwerk heeft nu een afstand van 3 meter bedacht. Totaal onwerkbaar

      Beantwoorden
  4. Walter
    Walter zegt:

    Eigenlijk moet van Dissel niet naar dit onzinnige addendum verwijzen maar het door hem reeds geruime tijd geleden beloofde rapport opleveren.

    Beantwoorden
  5. Erik
    Erik zegt:

    Beste meneer de Hond,

    Vandaag tijdens de briefing gaf van Dissel als antwoord op Agema over de 1.5 meter dat die 1.5 m in allerlei literatuur over infectiebestrijding voorkomt. Logischerwijs noemt hij het artikel van Wells niet meer omdat dat zijn bewering tegenspreekt.
    Tot nu toe werd Wells als enige bron genoemd, maar nu schijnen er dus veel meer bronnen te zijn. De vraag is of dat allemaal adviezen zijn die foutief gebaseerd zijn op het artikel van Wells. Of dat er alternatieve bronnen zijn aan die van Wells die ook onderzoek gedaan hebben die in een andere richting wijzen. Die helderheid zou ik graag van het RIVM krijgen. Ik verwacht niet dat het rapport van RIVM over aerosolen beschikbaar komt voordat er uitspraak is geweest in het kort geding van Viruswaanzin.nl. Hoe denkt u hierover?

    Beantwoorden
  6. Leo Hanemaaijer
    Leo Hanemaaijer zegt:

    Vliegtuig passagiers waren bijna zeker de Globe verspreiders.
    COVID-19 is zeer besmettelijk, maar of het je zomaar echt heel ziek maakt, daar zijn nog een aantal voorwaarden voor nodig, zoals een verzuring (pH verlaging) van het lichaam, aangezien een corona virus zich dan veel gemakkelijker kan gaan vermenigvuldigen. Nu is het vliegen op grote hoogte door de Troposfeer, niet zo maar iets, de lucht is op een hoogte van ongeveer 11 km zeer koud van temperatuur richting de -55 graden. Koude lucht van buiten wordt steeds in binnen gebracht via het lucht verversingsysteem en bevat daarom geen vocht, dus zal de luchtvochtigheid vooral van de passagiers zelf vandaan moeten komen door uitademing, en voor een schamele 10% zorgen. Het CO2 gehalte op deze vlieghoogte in de drukcabine* is een onduidelijk gegeven maar aangezien door het uitademen de luchtvochtigheid is gestegen zal het percentage uitgeademde lucht, ook vast wel een verhoging van het CO2 gehalte veroorzaken. En daar zit nu net het probleem, hoe meer de lucht verzadigt is met CO2, hoe meer het lichaam verzuurd raakt en dit zelf moet zien te compenseren door zouten in het lichaam aan te spreken, en dat lukt mensen met een slechte gezondheid niet meer zo best. Want door moeten je longen (CO2) en je nieren (pH) in de juiste samenwerking hard voor aan het werk. En daar komt nog bij, dat uit onderzoek is gebleken dat lage luchtvochtigheden een voorwaarde zijn voor een snelle verspreiding van het corona virus. Is er aan het begin van de vlucht dus een passagier ingestapt met actief corona, dan zullen zeker tijdens een lange vlucht de nodige lichamelijk al zwakke passagiers als eerste verder besmet woorden en hun ook tot stevige bronnen voor verdere verspreiding maken, hetzij thuis of op hun vakantie bestemming (cruiseschip).
    *De druk in de cabine wordt gehouden op een druk die overeenkomt met de verlaagde luchtdruk van een hoogte van 2400 meter, wat zal dit nog meer kunnen inhouden op de pH toestand? Aangezien sporters die hoogte trainingen doen, snel last kunnen krijgen van verzuring.
    Er mag nu weer gevlogen worden met mondkapjes op, echter deze werken nog weer eens extra CO2 verhogend voor de gebruiker, toch weer een risicovolle situatie.

    Beantwoorden
  7. jillis
    jillis zegt:

    Je kan de lepel wel naar de mond brengen maar ze moeten het zelf slikken.

    Zelf kom ik op een aantal heel erg voor de hand liggende argumenten.
    Eigenlijk is het zo in your face dat niemand er meer naar kijkt.
    Het is namelijk een SEIZOENSGRIEP.
    We mogen er nu van uit gaan lijkt mij dat covid-19 een seizoensgriep is.
    Het gedraagt zich zoals influenza.
    Nu denken de wetenschappers ook nog steeds dat de griep niet door aerosolen wordt verspreid. Tenminste in ieder geval het grootste deel in Nederland.
    Voor het idee een link;
    https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC3682679/
    (er zijn er een hele hoop te vinden)

    Mijn stelling:
    Wanneer een virus alleen in een bepaald seizoen de kop op steekt kan dit er alleen maar op duiden dat de verspreiding via aerosolen gaat.
    Het is temperatuur, luchtvochtigheid, UV en ruimte afhankelijk.
    De basis voor aerosole verspreiding dus.

    Contactbesmetting:
    In de zomer heeft men meer sociale contacten dan in de winter.
    Snelle conclusie:
    Contactbesmetting speelt een ondergeschikte rol van transmissie.
    Daar zijn ook de meeste wetenschapper het wel over eens.
    Er is namelijk geen virus meer in de zomer dus seizoensgebonden.
    Die kunnen we dus grotendeels schrappen.
    Voorbeeld van geen seizoensgriep: Ebola:
    Zieke mensen kunnen andere mensen besmetten via direct contact met bloed, ontlasting, urine, sperma, braaksel en zweet. Verspreiding van het virus via de lucht (bijvoorbeeld door niezen of hoesten) is nog nooit aangetoond.

    Wanneer UV-licht een belangrijke rol speelt bij de overdracht gaat dit mee met de seizoenen. Dat klopt dus dit heeft invloed.
    We weten ook dat UV-licht virussen dood.
    wanneer je nu kijkt naar de snelheid van overdracht tussen de grotere en de kleinere druppels, dan gaan de grotere druppels veel directer van persoon tot persoon dan aerosolen.
    Dit betekend dus dat de invloed van UV-licht geen grote rol kan spelen bij de verspreiding via grotere druppels. Er is niet genoeg tijd om het virus onschadelijk te maken op die manier.
    Deze eigenschap van een seizoensgriep wijst dus naar de aerosolen.

    Dan hebben we kou:
    Amesh Adalja, een expert op het gebied van infectieziekten bij het Amerikaanse John Hopkins Center for Health Security zegt:
    Griep is seizoensgebonden omdat lagere temperaturen helpen met de vorming van een soort gel-achtig laagje om het virus. Een sterker ‘omhulsel’ zorgt ervoor dat het virus lang genoeg in de lucht kan overleven om over te gaan van de ene persoon op de andere.
    Hij zegt ook dat dit het karakter bepaald van een seizoensgriep.

    Hij zegt bij deze dus ook indirect dat het aerosolen moeten zijn.
    De druppels blijven langer hangen in de lucht bij de kou en zorgen voor vergrote overdracht. Kou speelt bij de grotere druppels wederom een minder grote rol van betekenis omdat de overdracht daar veel te snel voor gaat. Omgekeerd geld dit voor warmte ook.

    Dit brengt ons op de luchtvochtigheid.
    Deze factor neemt standaard af door kou. Airco’s ontvochtigen de lucht nog eens extra.
    Dit maakt dat de druppels langer blijven hangen.
    Deze wijsheid komt van onderzoek gedaan door het RIVM naar het influenza virus.
    Het RIVM heeft dit uitgewerkt in een grafiek en deze wordt door Maurice ook aangehaald.
    (het is mij een raadsel zijn waarom ze denken dat het dan nog steeds niet airborne is).
    Conclusie; druppels blijven langer hangen bij lagere relatieve luchtvochtigheid dus de kans op besmetting wordt groter.
    Naar mijn inziens weer een bewijs dat het via de kleinste druppels verspreid.

    Wanneer we nu alle factoren van aerosole overdracht bij elkaar optellen is het duidelijk dat dit vooral binnen kan gebeuren in afgesloten ruimtes. Druppels waaien anders weg.
    Hoe langer virus wordt uitgeademd en in versnelde mate door zingen, schreeuwen, hijgen dansen enz.. en hoe langer deze wordt ingeademd hoe groter de kans op besmetting.
    Dus superspread omstandigheden. (zoals de slachthuizen dus..)
    In de buitenlucht kan dit dus niet en spelen droplets, grotere druppels vooral een significante rol van verspreiden. Wat zien we nu? Geen virus in de zomer.
    Wederom is het seizoensgebonden.

    Het zijn dus niet de grotere druppels die dominant zijn bij de verspreiding van seizoensgebonden griepvirussen zoals covid-19 EN influenza, het zijn de aerosolen.

    Dit lijkt mij de meest voor de hand liggende manier om het uit te leggen.
    Veel duidelijker kan ik het in ieder geval niet maken.

    Beantwoorden
  8. Haici
    Haici zegt:

    De R is alleen goed te berekenen als alle ziekte gevallen bekend zijn. Het is wel wat meer dan een fractie die in het ziek enhuis terecht komt, waarvan ongeveer 20% vervolgens op de IC, waarvan weer ongeveer 30 % overlijdt. Een aanzienlijk deel van de populatie op de IC is jonger dan 70. Veel mensen die Covid hebben doorgemaakt en niet opgenomen zikn geweest hebben nog weken last. Het debat gaat niet alleen over cijfertjes en gelijk denken te hebben. Tot mu toe worden we steeds verrast door dit virus en op meerdere vlakken is een vergelijking met influenza dan ook niet te maken, al klinkt het natuurlijk wel interessant.

    Beantwoorden
  9. Bert
    Bert zegt:

    Ik mis een gezamenlijk goed onderzoeksprogramma, liefst vanuit Europese samenwerking, waarin veel van deze vragen in korte projecten, 4 weken, door vele onderzoeksgroepen, worden opgepakt. Als dit onderzoeksprogramma wordt uitgevoerd met enkele 10 tallen onderzoeksgroepen kunnen in 3 tot 4 maanden veel van de vragen betrouwbaar worden beantwoord. En kan deze kennis ook echt worden ingezet bij begin herfst. Nu blijft het beleid en uitvoering toch te veel gebaseerd op verouderde en onvolledige kennis, ervaringen en metingen.

    Beantwoorden
    • Evert
      Evert zegt:

      Helaas is die tijd er niet. Volgens mij is de verspreiding via aerosols inmiddels zo waarschijnlijk dat het sowieso geen kwaad kan om het deltaplan ventilatie van Maurice gisteren nog te starten. Kosten vallen t.o.v. miljoenen investeringen in een vaccin zeker mee.

      Beantwoorden
  10. Henk Hylkema
    Henk Hylkema zegt:

    De crux zit ‘m volgens mij in de opstelling van het RIVM ten aanzien van het influenzavirus. De bevindingen hieromtrent wereldwijd staan niet ter discussie. Omdat COVID-19 dezelfde kenmerken lijkt te hebben, wordt vastgehouden aan de 1 op 1 verspreiding en de 1.5 meter maatregel. Pas wanneer ook voor influenza vast komt te staan dat de R van 2 a 3 (in ieder geval deels) verklaard wordt door de verspreiding via aerosolen, zal RIVM dit standpunt loslaten.

    Beantwoorden
  11. Evert
    Evert zegt:

    Volgens mij zijn grotere bijeenkomsten tot nu toe verboden geweest. Kappers, fysiotherapeuten, masseurs en andere contactberoepen zonder 1,5m afstand zijn alweer geruime tijd toegestaan. Dit heeft niet geleid tot een toename van de besmettingen. Leg dat maar uit meneer Van Dissel!

    Beantwoorden
  12. Herman
    Herman zegt:

    onder 1. Richtlijnen RIVM over influenza: “De minimale besmettingsdosis via aerosolen die in de lagere luchtwegen terecht kunnen komen, is zeer gering, in de orde van één of enkele virusdeeltjes. [Tell06]
    Voor experimentele infectie door indruppelen van virus in de neus is honderdmaal meer virus nodig, zodat we aannemen dat infectie door druppels en besmette handen of voorwerpen (deurknoppen, telefoonhoorns, toetsenborden) een kleinere rol speelt.”

    Wat ik hieruit lees is dat voor influenza, infectie meer door aerosolen plaatsvindt dan door druppels / handen / voorwerpen…? Volgens RIVM spelen Aerosols bij COVID19 alleen een rol bij bep medische procedures.

    Volgens de WHO spelen aerosols bij zowel COVID19 als Influenza alleen een rol bij chirurgische ingrepen.

    Dus toch een beetje vreemd.

    Beantwoorden
  13. Herman
    Herman zegt:

    WHO en RIVM zeggen beiden dat over Covid19 dat besmetting via aerosols alleen een rol bij chirurgische ingrepen.
    Al in Maart werden in een aantal onderzoeken (o.a. in China, Singapore) aerosols met corona virus aangetoont in allerlei ruimten. Andere vonden, ook in al in Maart, dat aerosols met corona virussen na 3 uur zweven nog steeds levensvatbare virussen bevatten (getest op cellen in laboratorium) https://www.nejm.org/doi/full/10.1056/nejmc2004973.

    Maar de vraag blijft hoeveel aerosols met corona virus je moet inhaleren en hoeveel moeten er dus rondzweven om een besmetting tot stand te brengen.

    Erg vreemd dat hier weinig over bekend lijkt te zijn. Nog vreemder dat veel virologen zo gemakkelijk zeggen “ja, dat weten we nog niet…” . Na 6 maanden?!!!

    Waarom is hier dan geen practisch onderzoek naar gedaan? Ja, met genoemd onderzoek naar levensvatbaarheid werd op cellen getest. Dat zegt dus niet zoveel over besmetting. Mensen opzettelijk besmetten, dat doe je dus ook niet. Maar er zijn ook dieren die Covid19 kunnen oplopen (fretten, katten, nertzen, enz.). Daar zou je toch wel een test op los kunnen laten? Niet zo moeilijk, goedkoop, en snelle resultaten.

    In ieder geval een miljoen keer makkelijker, sneller en goedkoper dan het maken van een vaccin.

    Beantwoorden
    • Peter
      Peter zegt:

      Het gaat hier om het verschil tussen aantonen en bewijzen.
      Aantonen kan je met statistieken en data analyse, zoals Maurice heeft gedaan.
      De wetenschappers (virologen) willen in een laboratorium een double blind randomised peer-reviewed bewijs zien, wat doorgaans maanden duurt. Aan de andere kant willen ze wel in minder dan een jaar een vaccin op de markt brengen; Daar word ik nou bang van.

      Beantwoorden
  14. Tine04
    Tine04 zegt:

    Jaap van Dissel zit op een bankje in het Vondelpark met zijn vingers te knippen. Een mevrouw blijft staan en vraagt: waarom knipt u met uw vingers? Antwoordt van Dissel: om de olifanten te verjagen. Zegt de vrouw: maar er zijn hier toch helemaal geen olifanten. Zegt Jaap: zie je wel dat het werkt!

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *