Onderzoek op De Ontplooiing

Logo Ontplooiing horizontaal
Er is een scriptie gemaakt over een onderzoek gehouden in januari jl. op onze O4NT school “De Ontplooiing”.

De conclusies geven een goed eerste beeld hoe het op de school toegaat en welk effect de schoolaanpak op de kinderen heeft. Iets wat de (vele) bezoekers aan de school uit binnen- en buitenland ook ervaren.

Dit zijn de belangrijkste conclusies en aanbevelingen:

De lessen worden gevolgd met kinderen van verschillende leeftijden en stamgroepen. Geen van de kinderen geeft aan dit vervelend te vinden. Er bestaan juist veel vriendschappen tussen kinderen van verschillende leeftijden en stamgroepen. De band met de kinderen van de stamgroep lijkt daarbij niet veel hechter dan die met kinderen uit andere stamgroepen.

Het sociale klimaat op school speelt een belangrijke rol in de schoolbeleving (Verkuyten & Thijs, 2002). Ondanks dat er relatief veel kinderen op school zitten die gepest werden en/of sociale- of leerproblemen hadden op hun vorige school zijn er weinig tot geen grote conflicten of pesterijen gaande. De kinderen geven aan zich veilig te voelen op school.

Er is op de Ontplooiing veel ruimte en tijd voor kinderen met verschillende leeftijden, capaciteiten en kennis om samen te werken en elkaar te helpen. Hier maken alle kinderen gebruik van, al kiest de een vaker voor samenwerken dan de ander. Meisjes lijken vaker de voorkeur te hebben om samen te werken dan jongens. De kinderen vinden het fijn om deze keuze zelf te mogen maken.

Het werken aan virtuele taken met een tablet vinden de kinderen met name prettig bij het zelfstandig werken. Hierbij geven zij aan dat het digitale educatief materiaal voor de tablet gebruiksvriendelijk moet zijn en niet te lastig.

Door middel van een applicatie waarmee de kinderen hun dag zelf in kunnen plannen wordt de zelfregulatie mogelijk gemaakt. Deze vrijheid wordt door de kinderen als een van de meest positieve aspecten van de school gezien. Bij het maken van de planning spelen inherente interesses en plezier in bepaalde vakken een grote rol, dit wordt ook wel de intrinsieke motivatie genoemd. Hierdoor vindt zelfregulatie zeer bewust plaats, wat het leren bevordert (Ryan & Deci, 2000).

Doordat de kinderen zelf hun dag in moeten plannen worden zij voortdurend gestimuleerd om na te denken over hun interesses en capaciteiten. De keuze voor een bepaalde activiteit hangt behalve interesses en capaciteiten ook van het moment van de dag, het lokaal en de docent af. Daarnaast werken de meeste kinderen ’s ochtends liever zelfstandig dan ’s middags. Het aanbod aan activiteiten op een dag waaruit gekozen kan worden is voor de meeste kinderen toereikend.

Tot slot blijkt er in meerdere opzichten een verschil te zijn tussen de jongste leerlingen op school van zes tot acht jaar en oudere leerlingen. De jongere leerlingen lijken meer moeite te hebben met zelfregulatie, baseren hun keuzes voor activiteiten meer op basis van de docent en ruimte dan de inhoud, lijken sneller verleid te zijn tot het spelen van spelletjes op hun tablet en hebben meer behoefte aan fysiek spel. Over het geheel genomen kan geconcludeerd worden dat de schoolbeleving van de leerlingen van basisschool de Ontplooiing zeer positief is.

Conclusies Scriptie

De hele scriptie van Liza Neto Gomes de Almeida staat hier: http://o4nt.nl/uva-studente-doet-onderzoek-naar-de-ontplooiing/

Zie ook www.detoekomstvanmijnkind.nl met een FAQ over deze school.

 

0 reacties

Laat een reactie achter

Discussieer mee.
Gebruik onderstaand formulier om een reactie achter te laten.

Geef een reactie