De 2 succesfactoren van de O4NT-aanpak

In de afgelopen weken heb ik weer een aantal van onze O4NT-scholen bezocht.  Ik heb met leraren, ouders en leerlingen gesproken. Maar ook gediscussieerd met een groep van 15 vertegenwoordigers van Europese Internationale scholen, die afgelopen week de Master Steve JobsSchool in Sneek heeft bezocht. Die scholen hebben veel meer budget dan doorsnee scholen en ook een veel grotere mate van gebruik van ICT in het Onderwijs: Laptops, MacBooks, iPads in ruime mate. Maar ook zij gaven aan dat onze aanpak toch duidelijk verschilde van de aanpak die zij op hun scholen toepassen en waren er aangenaam door verrast. Mede door al die gesprekken wordt steeds duidelijker wat nu eigenlijk de twee succesfactoren van onze aanpak zijn:

  1. Enthousiasme

Eén van de leraressen van onze school beschreef de ene factor m.i. het best  op basis van haar eigen ervaring. Zij heeft een kind op een andere basisschool in haar woonplaats. Terwijl het wel een slim kind is, gaat het niet goed op school.  Uit het gesprek met haar kind bleek dat het met weinig plezier naar school ging. De lerares gaf mij aan dat ze pas toen goed realiseerde wat het verschil was met de situatie op haar eigen vorige school (zoals die van haar dochter) en de school waar ze nu les geeft. Alle 25 leerlingen van haar stamgroep gaan wel met (veel) plezier naar school  (Een ouder vertelde me zelfs dat op een zaterdag zijn kind hem had gevraagd of zij die dag toch naar school mocht.)

En als je de kinderen uit haar groep een tijd observeert merk je inderdaad hoe groot het plezier is van de kinderen en welke gevolgen dat heeft. Kinderen zijn energiek, geconcentreerd en lange tijd intensief bezig met leeractiviteiten. Soms samen met andere leerlingen en soms individueel.  De iPad (die gemiddeld bij circa de helft van de leeractiviteiten een rol speelt) speelt bij dat enthousiasme een belangrijke rol. Leren en trainen met behulp van apps of via het web  geschiedt doorgaans met plezier, waardoor men ook langere tijd en geconcentreerder bezig is. In tegenstelling tot bij het werken met een leerboek of bij het maken van opdrachten op papier zorgt de onmiddellijke feedback (en vaak ook nog aantrekkelijk verpakt) dat kinderen beduidend langer met een bepaalde leeractiviteit bezig (kunnen) zijn.  (Dat doet me denken aan uitspraken van ouderen, die ik vaak hoor, waarbij gezegd wordt dat kinderen zo een korte aandachtsboog hebben. Zij zouden niet lang achter elkaar iets kunnen doen. Mijn reactie is dan of ze wel eens gekeken hebben hoe lang jongeren achter een computer kunnen zitten en met iets bezig zijn. Ze kunnen zich alleen niet zo lang concentreren op datgene waar ouderen zich wel kunnen concentreren.).

2. Zelfstandigheid

De tweede factor is de grotere mate van zelfstandigheid van de leerling.  Daarin is deze schoolaanpak niet uniek (Montessori, Dalton, Jenaplan kennen dat in diverse varianten ook). Het verschil met onze aanpak echter is dat de leerlingen veel minder belemmeringen kennen in het tempo van hun ontwikkelingen en op het terrein van verscheidenheid in kennis en skills. Dat geldt allereerst natuurlijk voor het hele scala dat plaats vindt in het digitale domein (programmeren, presenteren,  filmen, etc). Maar is ook het geval bij de traditionele vakken waar de leerlingen geen beperkingen kennen vanuit de groep/klas of de kennis en aandacht van de leerkracht. Kinderen worden veel meer eigenaar van hun leerweg.

Dat wordt o.a. gestructureerd door een individueel ontwikkelingsplan (IOP) dat eens in de 6 weken voor iedere leerling wordt gemaakt. Dat vindt plaats vanuit een overlegvorm tussen leerkracht, ouders en leerling.  Daarbij gaat het om de sterke punten van het kind, de realisatie van de gestelde doelen tot nu toe en de nieuwe doelen voor de volgende periode.  Daarbij is de aansluiting tussen de (digitale) wereld thuis en de school veel groter en kunnen ouders meer betrokken zijn bij hetgeen hun kinderen zowel op school als thuis aan het leren zijn.

Dit vraagt van leerkrachten een forse omschakeling in het denken en de wijze waarop ze met de leerlingen omgaan. En er is ook duidelijk een gewenningsperiode nodig bij de kinderen, die tot nu toe op school, vaak vooral een afwachtende rol speelde in de richting van hun leerkracht. Die gaven aan wat het kind moest gaan doen. Maar de ervaring inmiddels leert dat deze overgangsperiode niet te lang hoeft te duren. (Bij oudere leerlingen langer dan bij jongere leerlingen).  Leergesprekken tussen leerkracht en de leerkracht spelen daarbij een belangrijke rol.

Een verheugend extra effect van deze aanpak is dat bij diverse leerlingen met forse leerproblemen, die op andere scholen het heel moeilijk hadden, er beduidend minder problemen zijn. De combinatie enthousiasme bij het leren en een grotere mate van vrijheid heeft een positieve werking op hen. Een “cluster 4 kind”  op een van de scholen doet het zonder veel extra aandacht erg goed.

Slechts voor een heel klein aantal kinderen (minder dan 5%) lijkt deze aanpak niet te werken. Zij hebben het wel voortdurend nodig dat een leerkracht ze zegt wat ze moeten gaan doen.

Last but not least;  omdat de school ook heel expliciet gebruik wil maken van de kennis en inzet van ouders (maar dan wel vanuit hun kracht, zoals vak, hobby, afkomst, vaardigheden)  zien we dat die participatie beduidend groter is dan bij de meeste andere scholen het geval is.

We hebben inmiddels een aantal groepen bezoekers gehad (uit de hele wereld) en vrijwel unaniem wordt er (zeer) positief gereageerd op wat men ter plekke ziet. Vaak voegt men daaraan nog toe dat men vooraf sceptisch was, maar enthousiast is geworden door wat men op de scholen zelf aantreft. En als men zelf kinderen heeft in de leeftijd onder de 12 voegen ze er doorgaans aan toe dat ze graag zo een school bij hen in de buurt hadden gewild om hun kind daarnaartoe te laten gaan. Gezien de grote aandacht die er is van schoolbesturen in het land wordt dat volgend jaar ook veel meer mogelijk. Zelf mogen we twee nieuwe scholen starten in Amsterdam, waarover binnenkort meer informatie zal komen.  (En ik kom ook steeds meer ouders tegen die zelf een actieve rol willen en kunnen spelen bij de overgang van de school van hun eigen kinderen, omdat ze nu beseffen dat het ook anders kan ).

Op dit YouTube-kanaal plaatsen we filmpjes om een indruk te geven van hoe het op onze scholen gaat.  Er staan er inmiddels 4 op:  http://www.youtube.com/channel/UCqXNnxbZuoOKBbTmHg4bgOg

0 reacties

Laat een reactie achter

Discussieer mee.
Gebruik onderstaand formulier om een reactie achter te laten.

Geef een reactie