De PvdA verloor haar traditionele aanhang

In mijn peiling van zondag jl.  geef ik aan dat de PvdA haar traditionele achterban definitief kwijt is. Daarbij maak ik de vergelijking met het CDA waar de afgelopen 30 jaar hetzelfde is gebeurd. Zowel het CDA (althans de drie partijen KVP-ARP-CHU) en de PvdA haalden tot aan het eind van de zestiger jaren van de vorige eeuw vrijwel altijd meer dan 30%.  Het record van CDA en de PvdA sinds 1970 is ruim 35% der kiezers.

Omdat het overgrote deel van de CDA-kiezers confessioneel is, en die groep in Nederland steeds kleiner wordt (met name door de demografische ontwikkelingen, ouderen zijn namelijk veel vaker kerkelijk dan jongeren) is het “vaste” electoraat van het CDA steeds kleiner geworden. Inmiddels is de omvang van dit vaste electoraat van het CDA gedaald naar ruim 10%.  Alleen met een populaire lijsttrekker (Lubbers in 1986 en 1989 en Balkenende in 2003 en 2004) scoort het CDA ook vrij goed bij niet-confessionelen en trokken ook veel kiezers aan buiten de traditionele kern.

Het proces dat de PvdA heeft doorgemaakt lijkt daar enigszins op. Maar is in essentie toch anders. Ook de PvdA had een groep kiezers die altijd op deze partij stemde. De PvdA was de partij bij uitstek bij de (niet-confessionele) kiezers met lage inkomens en lage opleiding. Daarnaast was er een wat kleinere groep met hogere opleiding en inkomen die PvdA stemde uit solidariteit met “de zwakkeren in de samenleving”.

Aan de ene kant is de groep kiezers met lage inkomens en lage opleiding fors gedaald. In 1960 bij voorbeeld wees de volkstelling uit dat de groep kiezers met alleen Lager Onderwijs en/of nog enkele jaren Uitgebreid Lager Onderwijs bijna 80% van het electoraat was. Inmiddels heeft 40% van de 30-jarigen een Universitaire opleiding gevolgd of HBO.

Als deze groep kiezers rond 1960 niet-confessioneel was dan stemden ze voor het overgrote deel PvdA en als ze wel confessioneel waren dan stemden ze vaak hun confessionele partij.

Maar niet alleen is die groep door de jaren heen kleiner geworden, ook zie je dat de PvdA er steeds minder in slaagt die kiezers aan zich te blijven binden. Uit het onderzoek van zondag jl. blijkt dat onder de kiezers met lage opleiding en lage inkomens (dat zijn gemiddeld wat oudere kiezers) de SP en de PVV duidelijk populairder zijn dan de PvdA. En dat is dus het grote probleem voor de PvdA. Voor dat traditionele electoraat van de PvdA zijn er nu alternatieven. (Bedenk dat in de Eerste Kamer SP en PVV na mei a.s. ieder meer senatoren hebben dan de PvdA).

Toch lijkt het of noch de PvdA zelf, noch de media, zich realiseren dat dit een onherroepelijk proces is voor de PvdA. Want een uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen als die van september 2012 (PvdA haalde 25% = 38 zetels) strooit zand in de ogen.

Drie weken voor de Tweede Kamerverkiezingen van september 2012 stond de PvdA nog op 12% en de SP op 22%. Dat de PvdA in korte tijd zo fors steeg was vooral omdat er nogal wat kiezers zich met hun stem wilde uitspreken over wie ze wel en niet als premier wilde hebben:  Roemer deed het bij het begin van de campagne slecht en Samsom, als “new kid on the block” deed het goed, waardoor er een tweestrijd Rutte – Samsom ontstond. Dat is de problematiek van ons kiesstelsel. Er is geen aparte stem voor de premier/regering en een voor de Tweede Kamer, maar de kiezer heeft maar een stem. Ruim een kwart gaf na de verkiezing aan dat ze strategisch hadden gestemd. Dus niet de partij van hun hoogste voorkeur, maar de VVD of de PvdA om te zorgen dat hetzij Rutte of Samsom premier zou worden of juist om te zorgen dat een van de twee het niet zou worden. (Met als uitkomst, omdat daardoor die twee partijen samen de meerderheid kregen interpreteerden zij het als een opdracht van de kiezer om met elkaar de regering te vormen.)

Na de vorming van het kabinet daalde de PvdA naar 18% en in maart 2013 daalde de PvdA naar het niveau dat ze vlak voor de verkiezingen hadden gestaan (12%). Een score waar ze sindsdien onder zijn gebleven, zowel in onze wekelijkste peilingen als bij de drie verkiezingen, die er sindsdien zijn gehouden.

Juist omdat de PvdA in de 20e eeuw doorgaans rond de 30% scoorde, werd de uitslag van de PvdA in 2012 beschouwd als een “normale” score voor de PvdA.  De werkelijkheid is dat die uitslag in het tweede decennium van de 21 e eeuw voor de PvdA abnormaal is.

In 2002 haalde de PvdA 15%.  In 2003 toen er sprake was van een tweestrijd Bos-Balkenende haalde Bos als “new kid on the block” 27%, maar verloor van Balkende. In 2006 was die strijd er ook en haalde Bos 21%, maar verloor van Balkende.  In 2010 was er de strijd Cohen – Rutte en haalde de PvdA 20% en verloor. En in 2012 was er de strijd Samsom – Rutte en haalde de PvdA 25% en verloor.

Het lijkt erop alsof de motivatie van kiezers om te zorgen dat de voorman van de PvdA niet de volgende premier groter is dan ervoor te zorgen dat hij wel de volgende premier wordt.

Bij alle andere verkiezingen dan de Tweede Kamer sinds 2006, met uitzondering van de Provinciale Statenverkiezingen van 2007, toen het kabinet Balkenende-Bos nog in haar wittebroodsweken was, scoorde de PvdA steeds tussen de 9 en 15%.

Het probleem van de PvdA is dus niet alleen dat -met name als ze in de regering zitten, zoals tussen 2007 en 2010 en na 2012-  een groot deel van de kiezers met de lage inkomens verliest. Maar ook dat voor die kiezers nu wel alternatieve partijen zijn van een behoorlijke omvang: de SP en PVV.

Daarom de conclusie dat de PvdA haar traditionele achterban definitief kwijt is.

Maar dat hoeft niet te betekenen dat bij een Tweede Kamerverkiezing in de toekomst wanneer de lijsttrekker een van de twee serieuze premierskandidaten zou zijn, de PvdA nooit meer boven de 15% kan scoren. Maar dan moet die lijsttrekker wel weer een “new kid on the block”  zijn en er mag geen alternatieve betere premierskandidaat zijn bij de andere partijen, die het goed doet tegenover een rechtsere premierskandidaat.

Maar bij andere dan Tweede Kamerverkiezingen in de toekomst zal een resultaat van 15% voor de PvdA een prima resultaat gaan betekenen. En daarmee staat de PvdA voor dezelfde uitdaging als het CDA. Om echt weer scores te bereiken van meer dan 20% moeten die beide partijen zich heruitvinden of zich hergroeperen met andere partijen.

Onderzoek op De Ontplooiing

Logo Ontplooiing horizontaal
Er is een scriptie gemaakt over een onderzoek gehouden in januari jl. op onze O4NT school “De Ontplooiing”.

De conclusies geven een goed eerste beeld hoe het op de school toegaat en welk effect de schoolaanpak op de kinderen heeft. Iets wat de (vele) bezoekers aan de school uit binnen- en buitenland ook ervaren.

Dit zijn de belangrijkste conclusies en aanbevelingen:

Lees meer

Struisvogels

Mijn beide ouders hebben Auschwitz overleefd. Als ze over de oorlogsperiode vertelden dan waren ze als het ware nog geschokter over het gedrag van Nederlanders in de oorlog dan van de Duitsers.

“De Duitsers kenden we niet van voor de oorlog”  zeiden ze, “maar de Nederlanders wel”.  Politieagenten die mijn vader voor de oorlog persoonlijk kenden, waren Jodenjagers geworden. Zij haalden mijn vader van zijn onderduikadres op waar hij verraden was door buren. Hij werd met Nederlandse trambestuurders naar de trein vervoerd en met Nederlandse machinisten naar Westerbork. Door een Nederlandse rechter werd mijn vader gedurende de oorlog veroordeeld omdat hij Joden illegaal aan voedsel hielp (Een strafblad dat na de oorlog, ondanks pogingen van mijn vader, bleef bestaan). Op 6 maart jl. -100 jaar na zijn geboorte- heb ik zijn oorlogsherinneringen geplaatst.

Mijn les was dat de wereld in de werkelijkheid onder de oppervlakte er anders uit kan zien dan aan de buitenkant blijkt.

In mijn eigen leven heb ik altijd geprobeerd niet te discrimineren. Alle mensen zijn voor mij gelijk. Pas als een individu bewijst dat hij mijn achting of respect niet waard is zal ik mijn houding veranderen. Die houding zorgt er mede voor dat ik als scheidsrechter bij mijn voetbalwedstrijden nooit problemen heb, welke teams ik ook fluit. Omdat ik alle spelers met respect behandel.

Ik vind uitspraken van Wilders zoals met “kopvoddentax”  en wat hij deed op de verkiezingsavond met “minder Marokkanen” verfoeilijk. Hij kan een dergelijk onderwerp ook op een andere manier aan de orde stellen.

Enkele dagen later heb ik een onderzoek gedaan, waaruit bleek dat 72% van de Nederlanders dit een niet-acceptabele uitspraak van hem vond. 20% van de PVV-ers vond dat ook.

Door de jaren heen heb ik onderzoeken uitgevoerd voor vertegenwoordigers van alle partijen van Nederland. Juist gezien mijn positie vind ik dat ik bij partijen vertegenwoordigt in de Tweede Kamer geen selectie mag toepassen, voor wie ik dat onderzoek wel of niet doe.

Mijn verantwoordelijk daarbij is dat de vraagstelling juist is en de verantwoordelijkheid om de uitslagen van dat onderzoek na het uitvoeren om dat te publiceren ligt bij die politieke partij en de media die daar dan wat mee willen doen.

Zo heb ik al meerdere malen ook onderzoeken voor de PVV uitgevoerd over wat Nederlanders vinden.

Vrijdag zijn er een serie vragen gesteld bij een steekproef van meer dan 2500 Nederlanders over de opvattingen van de Nederlanders over een aantal punten direct of indirect verband houdende met die uitspraken van Wilders. Daaruit blijkt o.a. dat de uitspraak over minder Marokkanen door 43% van de Nederlanders gedeeld wordt.

Deze specifieke vraag, na o.a. een vraag over de strafbaarheid van de uitspraak van Wilders,  luidde “wat is uw eigen standpunt ten aanzien van Marokkanen in Nederland”?  43% geeft dan aan “Ik heb liever minder Marokkanen in Nederland”. Onder de PVV kiezers is dat 95%, bij de VVD-kiezers 59%.  Onder de kiezers van andere partijen loopt dit uiteen van 19% bij D66 tot 36% bij de SP.

Dat zoveel mensen geschokt waren door de wijze van optreden van Wilders op de avond van 19 maart jl begrijp ik zeker. Ik was dat ook.  Maar laat men zich niet in slaap sussen door de vele -terecht- verontwaardigde reacties die daarop volgden. Want dit uitgevoerde onderzoek laat zien dat onder de oppervlakte een forse problematiek leeft.

En die gaat niet weg door dat niet zichtbaar te maken via onderzoek. Noch door te stellen dat dit onderzoek schandelijk is.

Ik denk dat mijn ouders liever voor de oorlog al hadden geweten hoe de wereld er werkelijk uitzag.

Gebruik wel een iPad op school, maar dan goed

Zaterdag stond in NRC-Handelsblad een column van een  Amerikaanse professor Datajournalistiek, die tijdens haar college het gebruik van e-readers en iPads verbiedt.  Zij legt uit waarom zij bij haar colleges alleen wil dat de studenten papieren boeken/teksten gebruiken. Haar belangrijkste argument is dat als studenten op haar college met hun e-readers komen en ze vraagt om pagina 45 open te slaan een deel van de leerlingen die tekst dan niet of moeilijk kan vinden. En dat het regelmatig voorkomt dat de studenten met een apparaat komen dat niet opgeladen is. Met boeken heeft ze die problemen niet.

Lees meer

De 2 succesfactoren van de O4NT-aanpak

In de afgelopen weken heb ik weer een aantal van onze O4NT-scholen bezocht.  Ik heb met leraren, ouders en leerlingen gesproken. Maar ook gediscussieerd met een groep van 15 vertegenwoordigers van Europese Internationale scholen, die afgelopen week de Master Steve JobsSchool in Sneek heeft bezocht. Die scholen hebben veel meer budget dan doorsnee scholen en ook een veel grotere mate van gebruik van ICT in het Onderwijs: Laptops, MacBooks, iPads in ruime mate. Maar ook zij gaven aan dat onze aanpak toch duidelijk verschilde van de aanpak die zij op hun scholen toepassen en waren er aangenaam door verrast. Mede door al die gesprekken wordt steeds duidelijker wat nu eigenlijk de twee succesfactoren van onze aanpak zijn: Lees meer

Onderzoek over tablets in het onderwijs

Er is in de UK een website van een vrijwilligersorganisatie die lijkt op O4NT (Onderwijs 4 een Nieuwe Tijd): Tablets for Schools (T4S).  Zij willen scholen van informatie voorzien m.b.t. de invoering van tablets in het onderwijs.

Naar aanleiding van de publiciteit over de start van de O4NT-scholen in Nederland verscheen er ook een goed blog op die site over de rol van de leerkracht.  Interessant is dat die schrijver in Engeland onze aanpak blijkbaar beter heeft bestudeerd en begrepen dan menig publicist in Nederland.

Vandaag is een nieuw onderzoeksrapport uitgekomen over het effect van tablets in scholen in Engeland. Bepaalde scholen worden al sinds 2011 gevolgd.  Hier staan de belangrijkste bevindingen.  Het rapport is hier op te vragen.

Lees meer

Dwaallicht Spitzer

De afgelopen dagen heeft Manfred Spitzer in diverse media vrij spel gekregen om zijn opvattingen over digitale media te spuien. Ze zouden ons dom maken en als je kleine kinderen met een iPad in contact brengt is dat mishandeling. Ik heb een tijdje geleden al zijn boek met stijgende verbazing gelezen. Niet alleen kende ik voor nogal wat “wetenschappelijk” bewijs van hem vele andere onderzoeken waaruit het tegendeel opgemaakt kon worden. Maar ook stond het haaks op mijn eigen ervaringen met o.a. mijn kinderen.  Maar aan het eind van het boek kwam de aap uit de mouw.

Lees meer