Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. leder weekend krijgt u de hoogtepunten van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen.

Home » COVID-19 » Spraakmakende nieuwe studie over spreken en aerosols

Spraakmakende nieuwe studie over spreken en aerosols

Nadat EenVandaag vorige week voor het eerst een item besteedde aan het onderwerp “aerosols” en “ventilatie” deed Nieuwsuur dat gisteravond.

Weliswaar was de insteek de besmettelijkheid van openbare toiletten, maar gelukkig kwam  daarna een deskundige (Francesco Franchemon)  aan het woord, die uitgebreid en goed over het onderwerp aerosols, ventilatie en superspreading events sprak. Hij sprak in de lijn van waarvoor ik op deze site nu al circa 7 weken aandacht vraag.

Bij het onderwerp ‘openbare toiletten’ werd het aspect besmetting via voorwerpen te sterk aangezet, maar het gedeelte dat ging over het afsluiten van de klep voordat je doortrekt, plus de ventilatie binnen die toiletten, was zeker wel relevant. Hier heb ik er wat over geschreven.

Hopelijk zal deze uitzending ervoor zorgen dat dit onderwerp nu wel bij scholen, zorginstellingen, kantoren op de agenda komt, want het is de cruciale blinde vlek van het WHO en het RIVM.

Bij de protocollen voor het PO-onderwijs voor de opening van de scholen wordt dit onderwerp namelijk niet besproken.  En helemaal verbluffend was de reactie van de voorlichter van het RIVM toen ook het NRC op 13 mei schreef over hetgeen het AGK-koor in Amsterdam was overkomen (daar was net zoals bij het koor in Seattle 75% van het koor ziek geworden). Ondanks dat het fascinerende artikel over het koor van Seattle nu 7 weken oud is en de resultaten in lijn liggen met dat wat we nog meer over superspreading events weten in kerken en bij feesten, was dit de reactie van de voorlichter van het RIVM: “Of er een extra risico is op besmetting met het corona-virus bij zingen in een koor is nog niet bekend”……

Een betere illustratie van mijn stelling dat het RIVM achter de feiten aanloopt en dat nieuw onderzoek niet wordt meegenomen in de oordeelsvorming, is bijna niet te geven. Niet alleen was het artikel in de L.A. Times van 7 weken geleden al een goede weergave, maar ook is er 4 dagen geleden een wetenschappelijke studie over gepubliceerd. (Dit artikel in The Seattle Times beschrijft het kort).

Maar het is ook hemeltergend wat Van Dissel vanuit zijn verantwoordelijkheid gedaan heeft en doet rondom de mondkapjes.  In dit artikel in VN wordt dat duidelijk beschreven. Terwijl dus al aangekondigd was dat we in het openbaar vervoer “mondkapjes” moesten gaan dragen, zei Van Dissel tegen twee journalisten op de vraag waarom hij zich eigenlijk zo lang tegen het gebruik van mondkapjes had verzet, want baat het niet dan schaadt het niet, “We hebben een anderhalve meter-samenleving. Dan heeft een mondkapje geen meerwaarde. Nou jij weer.”

Ik vind dat dit een uitspraak is die hem diskwalificeert voor de belangrijke rol, die hij in Nederland bij de beleidsbepaling speelt. En ik snap niet, dat dit in politiek Den Haag (en zeker ook bij de regeringspartijen) niet tot ingrijpende consequenties heeft geleid/zal leiden.

Dit alles komt in een extra schril licht te staan door een nieuwe publicatie van de afgelopen dagen.  Dit is het nieuwsbericht  over deze wetenschappelijke publicatie.

De samenvatting van die publicatie is:

In dit paper wordt verslag gedaan van aerosols die bij het spreken vrijkomen en een lange tijd in de lucht kunnen blijven zweven in een omgeving waar er geen luchtventilatie is. “Confined environments” betekent “besloten omgeving”.

Dit onderzoek is een extra ondersteuning voor mijn artikelen op dit blog over de zeer belangrijke rol die aerosols spelen bij het verspreiden van dit virus. Een rol die door WHO en RIVM tot op de dag van vandaag als vrij onbelangrijk wordt beschouwd (of nog erger irrelevant). Ik noem dat de blinde vlek in een recent blog.

Maar op basis van alle onderzoeken die ik tot nu toe gelezen heb, plus de verspreidingspatronen van het virus, kom ik tot de conclusie dat aerosols veruit de belangrijkste verspreidingswijze van het virus zijn. Vanuit de longen van de besmette persoon, via zweven in de lucht, naar de longen van degene die besmet wordt. Dat heeft het onderzoek van Prof. Streeck in Heinsberg aangetoond. Als je besmet bent geraakt tijdens het carnaval werd je zieker dan als je thuis werd besmet. En thuis waren er veel meer mensen die geen enkel symptoom ervoeren, terwijl ze wel besmet waren, dan bij het carnaval.

Als de directe overdracht de belangrijkste besmettingswijze zou zijn, dan zouden bij de patiënt thuis veel meer mensen besmet zijn (en veel zieker zijn geworden) dan de vele aanwezigen bij een carnavalsfeest. Hoeveel mogelijkheden zijn er thuis niet om via druppels van hoesten/niezen besmet te worden?  En als de besmetting via voorwerpen zo belangrijk zou zijn, dan is er toch één plek waar dat het meest zou moeten gebeuren: in het huis van een patiënt….. En als je naar het percentage huisgenoten kijkt die besmet worden, dan weet je al dat die vorm van overdracht geen rol kan spelen. (Iets wat Prof. Streeck in zijn eerste interviews een maand geleden al expliciet meldde. Dat hij in de huizen van patiënten op voorwerpen geen virus aantrof met risico’s van besmetting van anderen).

Ik denk dat er steeds meer bewijs voor mijn stellingname is dat de besmetting van COVID-19 alleen (of vrijwel alleen) via de lucht geschiedt. Waarbij ook nog de tijdsduur dat je eraan blootgesteld wordt bepalend is voor het feit of je besmet wordt/ hoe ziek je wordt. Hier wordt dat goed uitgelegd.

Dat gebeurt vrijwel alleen in besloten omgevingen. (Dus binnenshuis met slecht ventilatie en met een te laag luchtvochtigheidsgehalte). Niet buiten en niet als er een goede ventilatie is en/of een hoge luchtvochtigheid binnen.  Daarom verdwijnt het virus ook vrijwel als in onze gebieden de zomer nadert. Het weer zorgt er zelf voor dat de hoeveelheid water in de lucht omhoog gaat.  (Bij hogere temperaturen kan de lucht meer water bevatten. Dus bij een relatieve luchtvochtigheid van 50% bevat de lucht bij 10° Celsius 4 gram water in 1 kilo lucht. Bij 20° Celsius is dat 8 gram en bij 30° Celsius is dat 16 gram. Hier kunt u zelf die berekeningen maken).  Onderzoeken hebben aangetoond dat onder 6g/kg de aerosols makkelijk lang kunnen blijven rondvliegen. In huizen doen we bij warm weer sneller ramen en deuren open, en we gebruiken air conditioning (als we die hebben) als de temperatuur hoog is en dus de luchtvochtigheid ook. Dus dan maken de aerosols weinig kans.

Dat laat ook zien hoe belangrijk het dragen van mondbescherming is in binnenruimten waar men niet in staat is om goed te ventileren (zoals openbaar vervoer) of de luchtvochtigheid op pijl te houden (veel winkels).

Denk je nu echt dat in Nieuw-Zeeland het aantal doden naar de 0 is gedaald door de geweldige maatregelen die ze daar hebben getroffen? Niet dat ze dat niet goed gedaan hebben, maar kijk eens naar het weer in Auckland in april.  Gemiddelde temperatuur overdag rond de 20° Celsius. Gemiddelde relatieve luchtvochtigheid 75%. Ik ben daar heel weinig dagen tegengekomen waar de specifieke luchtvochtigheid onder de 6 g/kg is gedaald.

In West-Europa gaan we steeds meer van dit soort weer krijgen, met als gevolg dat het virus in de komende maanden minder kans krijgt om zich via de aerosoles te verspreiden.

Ook dat nieuwe onderzoek over de zwevende aerosols is een extra bouwsteun voor mijn conclusies inzake de verspreiding van COVID-19. Omdat het onderwerp aerosols dankzij EenVandaag en Nieuwsuur mainstream is geworden, kan het RIVM er hopelijk niet meer omheen om het zelf ook serieus te nemen.

Die 1,5 meter-maatschappij is dus, zoals ik vanaf het begin meldde, een onnodige en onhaalbare maatregel. En dat bewijs wordt ook steeds evidenter. Zie ook smartexit.nu 

 

N.B.  Als we ooit nog een keer om deze crisis kunnen lachen (maar ik denk dat dit nog heel lang zal duren, omdat de economische en sociale nawerking kolossaal zullen zijn)  dan heb ik een mooie clip in de aanbieding.  Minister Grapperhaus, die ik gisteren bij EenVandaag zag. Hij was op werkbezoek bij de politie en liep op de toegangsweg naar het strand te kijken of strandgangers elkaar wel op 1,5 meter konden passeren.

Als uiteindelijk gemeengoed zal worden dat je buiten amper besmet kunt worden (de aerosols blijven niet hangen) en helemaal, als er sprake is van zonlicht (aangetoond door het viruslab van Home Security) dan kun je nog alleen maar lachen om de obsessieve wijze waarop de Nederlandse overheid overal hun 1,5 meter-maatlat heeft neergelegd. Met dit optreden van minister Grapperhaus als grappig hoogtepunt. Het is op iedere plek al onzinnig, maar op het strand is het ronduit ridicuul. Ook als we net zoals vorige zomer op het strand gaan liggen, hutje bij mutje, dan nog zal dat niet tot verspreiding van het virus leiden. Wel moeten we voorzichtig zijn op de plekken waar we langdurig in binnenruimtes zitten op weg naar het strand (de trein) of op het strand zelf. (Strandtentjes en toiletten). Maar als men daar ook voldoende gebruikmaakt van de natuurlijke ventilatie is het risico ook miniem.

 

Vergelijk deze reportage op het strand met Minister Grapperhaus met het advies van het befaamde viruslab in de VS waar men COVID-19 uitgebreid bestudeerd heeft, en men met dit advies kwam voor alle Amerikanen:

 

 

De vraag is hoe lang het duurt voordat dit ook bij het OMT en de regering doordringt. En hoe lang het zal duren voordat ze dat ook zullen erkennen? Want ik voorzie nog een groot risico. Door de ontwikkelingen van het weer zal het virus in Nederland over 4 à 6 weken vrijwel geen slachtoffers meer maken. En dan kan de overheid en het RIVM claimen dat het komt door het aanhouden van die 1,5 meter. Dus gaan we ook de zomer door met die zo schadelijke aanpak voor onze economie.  En als in het najaar de risico’s van het virus weer groter worden, dan gaan we nog harder vasthouden aan die 1,5 meter. Laten we hopen dat de belangrijkste mensen in Den Haag nu eens wakker worden uit de hypnose waarin ze met elkaar alleen nog maar “Anderhalf”, “Anderhalf”, “Anderhalf”, “Anderhalf” kunnen zeggen.

Wat vind ik het jammer dat de economische groei gisteren over het eerste kwartaal op -1,7% eindigde en niet op “min anderhalf procent”. Misschien hadden ze dat dan als vingerwijzing van hogerhand gezien en waren ze ontwaakt uit hun hypnose?

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

BEKIJK OOK