Voorbereiden op het verleden

Al jaren zeg ik dat de jeugd van tegenwoordig thuis vooral digitaal, interactief, multimediaal, multitasking bezig zijn en als ze naar school gaan ze dan zien hoe het vroeger was. De wereld buiten school is vooral digitaal. De school is vrijwel geheel analoog. Dit weekend kreeg ik op twee manieren een onthullende en onthutsende illustratie daarvan.

Eerst kreeg ik een Citotoets uit 2011 toegestuurd voor het onderdeel “Studievaardigheden”. Als je de vragen ziet voor leerlingen van 11-12 jaar dan wordt er soms nog enige lippendienst gedaan aan de digitale wereld, maar vraag 2 laat zien hoezeer de toetsenmakers nog in het verleden leven.

Die vraag luidt waar iemand het beste kan zoeken als hij meer wil weten over de zonnekalender van de Maya’s.  Er kan uit vier antwoorden gekozen worden: encyclopedie, boek over de cultuur van de Maya’s, een vakantiefolder over Mexico en een woordenboek.  Geen enkel digitale mogelijkheid staat erbij (zoals bij voorbeeld Google of Wikipedia.)

Ik plaatste daar een tweet over “Deze Citovragen uit 2011 laten goed zien hoe de school een museum is geworden”.

Daar werd door verschillende mensen op gereageerd. Deels instemmend en deels door mensen die het er niet eens mee waren. Er was een reactie die heel interessant was. Omdat die niet alleen een bevestiging vormde van mijn stelling, maar ook laat zien waar de kern van het probleem is.

Dat was een reactie van een lerares op een basisschool.  Dit was haar eerste tweet: Wij leren kinderen juist dat je niet van Google uit moet gaan omdat daar ook vaak verkeerde informatie naar boven komt. Ze moeten juist de informatie in boeken opzoeken.

Ik reageerde toen in haar richting met: Mijn ervaring is juist dat ik via Google altijd het antwoord vind op mijn vragen en info in boeken vaak gedateerd is.

Haar reactie was toen: Het nadeel met Google is dan dat je werkstukken krijgt waarin onjuistheden staan zoals 90% van de inwoners van Marokko is christelijk, omdat het toevallig zo op Google staat. Wij leren ze dat Google niet de waarheid is en dat ze het altijd in boeken checken.

Alvorens de rest van dit blog te lezen nodig ik u uit om even te kijken op Google als je “aandeel christenen Marokko” in toetst.  Bij de tweede link zie ik direct dat het aandeel christenen in Marokko 1.1% is.

Een betere illustratie van mijn stelling hoezeer de leerlingen op school voorbereid worden op het verleden kan ik haast niet geven. Ongetwijfeld is deze leerkracht iemand die met grote inzet op school haar leerlingen opleidt. Maar het is duidelijk dat ze amper beseft hoe Google werkt en dat als ze de leerlingen leert dat ze informatie altijd in boeken moeten checken  ze die kinderen voorbereid voor 1980 en niet voor na 2020 (het moment waarop basisschoolleerlingen hun opleiding voltooien).

Als er over de inhoud en kwaliteit van het basisonderwijs wordt gesproken dan gaat het meestal over taal en rekenen. Maar veel minder over het probleem van de digitale vaardigheden die je vandaag en morgen zo hard nodig hebt. En de grote achterstand van veel leerkrachten op dat terrein.

Onlangs sprak ik een groep 12-17-jarigen die met elkaar bezig waren aan een project van Kennisnet om software/apps voor school te maken. Ze waren met leuke dingen bezig. Ik vroeg die jongeren wie die kennis om te programmeren op school had opgedaan. Bij geen enkele was dat het geval!

Er is een revolutie nodig om ons onderwijs ingrijpend te veranderen. Want anders kan je als ouder je kind beter thuis houden als je het echt op de toekomst wil voorbereiden.

Omdat mijn dochtertje binnenkort in de leeftijd valt dat ze leerplichtig is, ben ik actief bezig met het opzetten van een school, waar wel beseft wordt hoe de digitale wereld zich ontwikkelt. Kijk hier voor de informatie over het schoolmodel van de Steve JobsSchool. Ik hoop dat veel ouders veel kritischer zich gaan opstellen tegenover de aanpak van de school van hun kinderen.  Lees anders nog dit blog als inspiratie voor hoe het wel kan.

1 antwoord
  1. Humphrey
    Humphrey zegt:

    Tja, ik heb jaren geleden ooit voorgesteld het leerboek Leren en instructie, (Boekaerts M., Simons P.R.-J. – Psychologie van de leerling
    en het leerproces) in te voeren voor Pabo studenten. Dat was te hoog gegrepen, zie boven het resultaat.

    En ja Ken Robinson is bekend en ja de animatie is een vorm van mindmapping een hele nuttige en creatieve manier om met kennis om te gaan zo ook dit.

    Levels of Approach to Knowledge

    LEVEL 0. Knowledge as equivalent to “the way things are.” Thoughts are distinguished
    from things, but thoughts about things are not distinguished from the way things are;
    hence, the possibility of false belief is not recognized.

    LEVEL 1. Knowledge as individuated mental states. Children realize that one person
    may know something that another does not. Thus, implicitly, there is some entity–a
    fact–which a person may or may not know.

    LEVEL 2. Knowledge as itemizable mental content. Children can relate things they
    know about a topic, and often delight in doing so. Thus, implicitly, knowledge consists
    of sortable items .

    LEVEL 3. Knowledge as representable. In trying to communicate what they know to a
    reader, students take into account what the reader already knows and is in a position to
    understand. Thus knowledge is no longer just something in the head to be expressed
    but is something to be represented, shared, interpreted by others.

    LEVEL 4. Knowledge as viewable from different perspectives. Students see that the
    same knowledge can appear in different contexts and can be viewed from different
    perspectives. This is an important step toward objectification.

    LEVEL 5. Knowledge as personal artifacts. Although constructivism is widely endorsed
    by teachers, it is not common for young students to view themselves as constructors of
    knowledge. Viewing oneself as constructing knowledge is a large step beyond viewing
    oneself as constructing knowledge representations (Level 3).

    LEVEL 6. Knowledge as improvable personal artifacts. A theory or other knowledge
    object is viewed in terms of what it can and cannot do, what its virtues are and where it
    is in need of improvement , although still viewed as a personal possession.

    LEVEL 7. Knowledge as semi-autonomous artifacts. Students recognize that knowledge
    objects, like other constructed objects, can take on a life of their own and may be
    considered independently of their personal relevance. Thus, at this level, knowledge
    objects become things that one can relate to, use, manipulate, judge in various ways,
    and have feelings about–just like other things in the real world.

    Carl Bereiter & Marlene Scardamalia

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie