Berichten

Wells proved it already; it’s the airborne microdroplets

Wiliiam Firth Wells, with his research from the thirties, would have provided the basis for the approach to social distancing, to keep the distance of more than 3 feet.

I was curious and tried to find his 1955 masterpiece. “Airborne contagion and Air Hygiene” with a description of all his scientific work

It took a lot of effort to find that 1955 book, but now I have it and it’s more than worth it.

It’s about the work Wells has done since 1930 on the contagiousness of all kinds of diseases, with reports of many experiments. It’s a kind of handbook, and rightly so. It’s amazing what that man has done in those 25 years. If he’d still been alive, the world would have been a much better place and hundreds of thousands less people would have died.

 

When I looked in Wells’ book for that “empirical rule of thumb” of keeping your distance, I was astonished. It was just research into how far larger droplets spread when they come out of a person’s mouth or nose. And yes, most of them end up on the ground within 3 feet. But in no way was it determined whether someone was infected when they got those drops from a short distance.

It was something like measuring how far the best golfer can hit the ball. That’s over 400 meters. But that doesn’t mean the ball will end up in the hole. You have to determine that separately. And Wells didn’t do that.

 

But that wasn’t the reason for my astonishment.  From the title of the book it is clear what the subject of this 400-page collection is “Airborne contagion and Air Hygiene”. This is also explicitly stated in the subject description (page 319):

“Droplet infections are primarily airborne; airborne epidemics are absent from an ecological population provided with adequate air hygiene”.

And the whole book is about that. With regard to a whole series of diseases, which pass through infections. Especially through bacteria/parasites, but also through viruses. A large number of experiments are reported on. How the infection then goes and what measures can be taken in the indoor climate to prevent it.  Really impressive.

 

But I fell off my chair when it came to the animal experiments with the tuberculosis bacterium and the influenza vaccine. In both trials there were results that Wells himself says: “truly astonishing” (page 119). There was a big difference between the animals that were “offered” the big drops and the animals that were “offered” the micro drops.

The difference was a factor of 16 times. 32 of the 33 animals that inhaled the aerosols got a lung infection. None of the animals that were offered the large drops showed a form of swallowed infection after 6 weeks.

In short: larger drops do not cause an infection with tuberculosis, but it happens entirely through airborne microdroplets, which are inhaled by the animal (man) for a while and then “nestle” in the lungs.

But yes, one will object, tuberculosis is a bacterium.

But then on page 119 we see the following about experiments with mice: “Influenza virus inhaled in large and small drops DUPLICATED the effect observed in experiments with tuberculosis”. Mice that inhaled the aerosols died quickly. While the mice that had come into contact with the large droplets were much better off.

It then goes on to say that the influenza virus inhaled in microdroplets was much more contagious than if those drops had been removed from the air and inserted into the nose.

The rest of the chapter describes other tests with other infectious diseases, such as group C Streptococci. And the results are always the same.

 

The small particles can penetrate directly into the lungs and there, if they are in sufficient numbers, very much household. Larger particles/droplets do not succeed or to a much lesser extent, Wells states. They are retained in the upper respiratory tract and do not lead to contamination, or only to a much lesser extent.

It is astonishing that the much vaunted handbook of 1955 already explains very explicitly that the aerosols are a major danger in almost all diseases that have been studied. They go directly to the lungs and do their destructive work.

The large drops (cannonballs or not), if they hit you at all, enter the upper respiratory tract and are very difficult to reach the lungs.

But WHO, and therefore all CDC’s in the world, don’t adhere to what Wells has been experimenting with since 1955. The danger does not come from the larger drops. We have to protect ourselves from breathing in the aerosols too long. And we can abolish social distancing, keep 2 meters, 1.5 meters or 1 meter worldwide.

Fresh air and higher humidity are the protection against the aerosols staying in enclosed spaces for a long time. Outside, the aerosols don’t get stuck around you and you are completely safe.

.

Do you understand why there were such large outbreaks in slaughterhouses all over the world (little ventilation and low temperatures, the ideal circumstance for the virus to float)? But do you now also understand why WHO and the CDC’s don’t mention it as such, because if they acknowledged it, their whole position about social distancing would be undermined.

And what happened in Beijing lately also confirms that pattern. (In a wholesale center near the meat and fish department, where it is also much cooler than elsewhere).

Outbreaks in hot areas also seem to be related to the use of air conditioners

As long as WHO and CDCs do not maximise their efforts to prevent the floating viruses, but do want to keep the one and a half meter of society afloat, hundreds of thousands of people worldwide will die needlessly (if not more) and the economy and society will be held in a stranglehold of having to keep their distance.

I hope that politicians and media and citizens now realise that RIVM, OMT and the usual suspects in the media, are wrong and have led to the wrong policy with enormous social consequences. On the basis of this information from Wells and what we now know about superspread events, it is easy to implement a simple policy in which the risks of infection can also be kept well under control in the autumn and the economic and social consequences can be greatly reduced.

Zo zouden RIVM en GGD data moeten laten spreken

Als er in een moderne democratie een grote crisis is, dan is het belangrijk om te beschikken over goede en up-to-date informatie. Het doel is dan tweeledig: Lees meer

Game, set & match; het zijn de aerosols

Het bijzondere handboek van William Firth Wells uit 1955

FTM plaatste vandaag een kritisch stuk van Pepijn van Erp over de uitspraken van Willem Engel en van mij. Daar staat  o.a. dit cruciale stuk in. Het gaat om het feit dat WHO/RIVM stellen dat de verspreiding van COVID-19 via grotere druppels gaat, en Willem en ik stellen dat het (vrijwel alleen) gaat via minuscule virusdeeltjes die in de lucht blijven hangen en worden ingeademd. Dit staat in dat artikel:

De link die je dan in het artikel kunt volgen laat dit zien:

 

 

Ook op deze plek kun je lezen dat de WHO en andere wetenschappers zich baseren op het onderzoek van Wells uit 1930. En ook in Medical Xpress staat hetzelfde beschreven.

Nu ben ik van nature nieuwsgierig en ik wil dan graag naar de bron gaan om te kijken wat er dan echt staat. Het kostte veel moeite om dat boek uit 1955 te vinden, maar inmiddels heb ik het en het is meer dan de moeite waard.

 

Het gaat over het werk dat Wells sinds 1930 gedaan heeft met betrekking tot de besmettelijkheid van allerlei ziektes, met verslagen over veel experimenten. Terecht dat dit een soort handboek is. Wat knap wat die man in die 25 jaar allemaal heeft gedaan.

Als hij nog had geleefd dan hadden we deze discussies niet gehad en hadden we wereldwijd veel minder slachtoffers gehad.

 

De onderbouwing van de 1,5 meter

Toen ik in het boek van Wells zocht naar die “proefondervindelijke vuistregel” (citaat Pepijn van Erp) sloeg ik van verbazing achterover. Het betrof alleen onderzoek naar hoe ver grotere druppels zich verspreiden als ze uit de mond of neus van een persoon komen. En ja de meeste komen dan binnen 1 meter op de grond terecht. Maar op geen enkele manier werd daarbij vastgesteld, of iemand dan ook besmet werd als hij/zij die druppels dan ook binnenkreeg.

Het was zoiets als we meten hoe ver de beste golfspeler de bal kan slaan. Dat is meer dan 400 meter. Maar dat betekent nog niet dat het balletje ook in de hole terechtkomt. Dat moet je apart vaststellen.

Dus Pepijn van Erp beschrijft eigenlijk alleen de baan die een grotere druppel aflegt als hij uit de mond of neus van een besmet persoon komt. Het RIVM heeft het dan letterlijk over dat de druppel “de ballistische baan van een kanonskogel volgt”.

Maar dat doet een pingpongballetje ook. En het maakt wel een verschil of je door een kanonskogel geraakt wordt of door een pingpongballetje.

 

Uit de titel van het boek is goed op te maken wat het onderwerp is van dit verzamelwerk van 400 pagina’s ”Airborne contagion and Air Hygiene”. Dat staat ook expliciet in de onderwerpomschrijving (pagina 319):

“Droplet infections are primarily airborne; airborne epidemics are absent from an ecological population provided with adequate air hygiene”.

En het hele boek gaat daarover. Ten aanzien van een hele serie ziektes, die via besmettingen verlopen. Vooral via bacteriën/parasieten, maar ook via virussen. Er wordt verslag gedaan van een groot aantal experimenten. Hoe die besmetting dan verloopt en wat voor maatregelen je kunt nemen in het binnenklimaat om die besmetting te voorkomen. Echt imposant.

Maar ik viel van mijn stoel toen het ging over de dierproeven met de tuberculosebacterie en het influenzavirus. Bij beide proeven waren er resultaten waar Wells zelf over zegt: “truly astonishing” (blz 119).  De dieren werden verdeeld in groepen waarbij een groep alleen grote druppels met de bacterie te verwerken kregen en een andere groep kregen alleen microdruppels.

Er was een groot verschil tussen de dieren die de grote druppels “aangeboden” kregen en de dieren die de microdruppels “aangeboden” kregen.

Het verschil was een factor van 16 keer. 32 van de 33 dieren die de aerosols inademden kregen een longinfectie.

Kortom: grotere druppels zorgen niet voor een infectie met tuberculose, maar het gebeurde volledig via aerosols, die door het dier (de mens) een tijd worden ingeademd en zich dan “nestelen” in de longen.

 

Maar ja, zullen Pepijn en de “usual suspects” van RIVM, OMT en de televisie tegenwerpen, tuberculose is een bacterie.

Maar dan zien we op pagina 119 het volgende over proeven met muizen: “Influenza virus geïnhaleerd in grote en kleine druppels DUPLICEERDE het effect dat waargenomen was in de experimenten met tuberculose”. Muizen die de aerosols inademden gingen snel dood. Terwijl de muizen die met de grote druppels in contact waren gekomen er veel beter vanaf kwamen.

Er staat vervolgens dat het influenzavirus dat in microdruppels werd geïnhaleerd veel besmettelijker was dan als die druppels uit de lucht gehaald werden en in de neus werden aangebracht. In de rest van het hoofdstuk worden nog andere proeven beschreven met andere besmettelijke ziektes, zoals groep C Streptococci. En steeds zijn de resultaten hetzelfde.

De kleinste deeltjes kunnen rechtstreeks doordringen tot de longen en daar, als ze in voldoende aantallen zijn, heel erg huishouden. Grotere deeltjes/druppels lukt dat niet of in veel mindere mate, stelt Wells. Die worden in de bovenste luchtwegen tegengehouden en leiden niet of veel minder tot een besmetting.

En ga nu niet zeggen dat COVID-19 anders zal werken dan het influenzavirus. Besef dat het WHO-RIVM-beleid ten aanzien COVID-19 gebaseerd was op het beleid dat al jarenlang wordt gevolgd ten aanzien van influenza.

 

Consequenties

Het is verbijsterend dat al in het veel geroemde handboek van 1955 heel expliciet uitgelegd wordt dat de aerosols bij vrijwel alle ziektes die onderzocht zijn, het grote gevaar betekenen. Ze gaan direct naar de longen en doen hun vernietigende werk. Maar men heeft blijkbaar nooit de bron opgezocht en alleen datgene gebruikt wat een ondersteuning was van het standpunt dat men toch al had ingenomen.

De grote druppels (kanonskogels of niet) komen, als ze je überhaupt raken, in de bovenste luchtwegen terecht en kunnen heel slecht de longen bereiken.

Maar WHO, en dus alle RIVM’s ter wereld, houden zich niet aan datgene dat Wells al in 1955 proefondervindelijk vast heeft gesteld: het gevaar komt niet van de grotere druppels.

We moeten ons beschermen tegen het te lang inademen van de aerosols. En we kunnen per direct wereldwijd de social distancing, 2 meter, 1,5 meter of 1 meter afschaffen.

Mijn 7e onderwerp van de checklist kan ik nu ook aankruisen.

 

Luchtverversing en hogere luchtvochtigheid zijn de bescherming tegen het lang blijven hangen van besmettelijke aerosols. Buiten blijven de aerosols niet om je heen hangen.

Snap je nu waarom in de slachterijen wereldwijd zulke grote uitbraken waren (weinig ventilatie en lage temperaturen zorgen voor de ideale omstandigheid voor het virus om te blijven zweven)?

Maar snap je nu ook waarom WHO en RIVM dat als zodanig niet benoemen, want als ze dat zouden erkennen, dan zou hun hele stellingname over de 1,5 meter-maatschappij worden ondergraven.

En wat er in Beijing is gebeurd de afgelopen tijd bevestigt ook dat patroon. (In een groothandelscentrum bij de vlees- en visafdeling, waar het ook stukken koeler is dan elders).

 

Zolang WHO en RIVM niet maximaal inzetten op het verhinderen van de zwevende virussen (door bijvoorbeeld alle ventilatiesystemen in Nederland voor eind oktober “coronaproof” te maken), maar wel de anderhalve-meter-samenleving krampachtig overeind te willen houden, gaan er wereldwijd honderdduizenden mensen nodeloos dood (zo niet meer) en worden de economie en samenleving in een wurggreep gehouden van het verplicht aanhouden van 1,5 meter afstand.

Ik hoop dat politici en media en burgers nu beseffen dat RIVM, OMT en de usual suspects in de media het fout hebben, en gezorgd hebben voor een verkeerd beleid met enorme maatschappelijke consequenties. Op basis van deze informatie van Wells en wat we nu weten over superspreading events is een overzichtelijk en simpel beleid te voeren, waarbij ook in het najaar de risico’s van besmettingen goed onder controle kunnen worden gehouden en de economische en sociale gevolgen sterk beperkt kunnen blijven.