Berichten

COVID-19 verspreidt zich helemaal niet makkelijk

Op 24 april schreef ik dit blog. Na bestudering van de cijfers per gemeente van voor de lockdown, was dit mijn conclusie:

Uit de overzichten per gemeente is te zien dat de verspreiding van het virus enorm snel ging als daar een “superspreading event” had plaatsgevonden. Zonder dergelijke superspreading events verspreidde het virus zich vrij langzaam. En dat terwijl er toen nog geen enkele maatregel genomen was.  

Er is nu een rapport uitgekomen van de Noorse RIVM met een vergelijkbare conclusie. De reproductiefactor was al rond de 1 toen de lockdown werd gestart en was al dalende.

Het is in lijn met mijn conclusie van vorige maand: de reden dat men dacht/denkt dat het virus erg besmettelijk is, komt door die superspreading events. In één klap worden dan grote aantallen mensen besmet en je krijgt het beeld van een exponentiële groei. Zo zagen we door het evenement op 5 maart in Kessel dat er op 21 maart in die gemeente al meer dan 60 besmettingen werden geconstateerd. (Besef dat de wereldwijde schatting is dat het aantal echte besmettingen minimaal een factor 25 keer zo groot is dan het aantal positief geteste. Dus het echte aantal besmettingen kan toen dus al wel 3.000 geweest zijn. Dat is een kwart van de bewoners van Kessel.)

Via een eenvoudig getalsmatig voorbeeld kan ik illustreren wat het grote effect van die superspreading events is. Stel dat er 100 mensen besmet zijn. En 99 van die 100 personen besmetten weer ieder 1 andere, 99 in totaal. Maar 1 persoon besmet bij een superspreading event 101 personen. Dan besmetten de oorspronkelijke 100 personen samen dus 200 anderen.

En dan is de reproductiefactor 2.  En dat is een hoge waarde, die voor de zogenaamde exponentiële curves zorgt.

Voor het eerst zag ik gisteren mijn conclusie van toen terug bij uitspraken van een prominente viroloog. In zijn dagelijkse podcast zei de Duitse prof. Christian Dorsten het volgende:

“Er is een heel aantal interessante nieuwe studies die gaan over het grote belang van de superspreading events bij de verspreiding. Die verlopen vooral via aerosols. Als je deze transmissiegebeurtenis afbreekt, dan heb je in feite de hele epidemie onder controle”.

Dit zijn dus de woorden van een adviseur van Angela Merkel. Het zou me niet verbazen als dit één van de redenen is dat men in Duitsland overweegt om eind juni de 1,5 meter-afstand af te schaffen.

En dit stond in de Washington Post op 26 mei.

 

Als je al dit bovenstaande mee in beschouwing neemt en de wereldwijde patronen van verspreiding ziet, dan is de conclusie eigenlijk heel simpel.

Daar waar geen of weinig superspreading events zijn geweest is de groei van het aantal besmettingen heel beperkt gebleven en inmiddels (vrijwel) verdwenen. Kijk maar eens hier bij het overzicht van de ontwikkeling van het aantal doden tussen half maart en begin april in een aantal landen.

In Nederland, België en Frankrijk zijn er vele grote en kleine superspreading events geweest.  In Australië en Nieuw-Zeeland amper.

Maar ook in Nederland kun je dat effect terugzien. In Zuidoost-Nederland kreeg je een combinatie van superspreading events: eerst het carnaval en daarna kerkdiensten of feesten (zoals Kessel). In het noorden van het land waren die superspreading events niet of amper aan de orde en zagen we een veel rustiger beeld. Een factor van 10 keer minder besmette personen dan in Zuidoost-Nederland.

Dat Noorwegen voor de lockdown rond de 1 zat qua reproductiefactor was dus omdat ze daar geen superspreading events hebben gehad.

Vrijwel over de gehele wereld zijn in de loop van maart bijeenkomsten met grotere aantallen mensen verboden. En vrijwel direct daalde de R0 naar rond de 1,0. Behalve daar waar men niet door had, dat er ook nog op een andere wijze superverspreiding plaatsvond, zoals in zorginstellingen, vleesverwerkende bedrijven, op marineschepen en in gebouwen met slecht werkende ventilatiesystemen waarbij veel bewoners werden besmet.

De daling na de lockdown kwam dus niet door de 1,5 meter-afstand. Want ook voordat welke maatregel dan ook rond half maart genomen werd, was de R0 in Noorwegen al rond de 1,0. Net zoals in nogal wat gemeenten in Nederland.

Maar er is nog een heel belangrijk punt. Superspreading events vinden eigenlijk alleen plaats onder bepaalde omstandigheden. Boven 30 graden noorderbreedte in besloten ruimtes en met lage luchtvochtigheid.  (in de andere gebieden hangt het samen met regen- en onweersbuien, zoals ik hier heb omschreven).

En overal ter wereld waar die omstandigheden er niet waren, zien we geen echte uitbraken en naderen de aantallen de nul. (Behalve natuurlijk bij vleesverwerkende bedrijven, want daar zorgt men er kunstmatig voor dat de condities binnen het gebouw optimaal zijn voor het airborne houden van het virus).

Het goede nieuws is dat wij in Nederland (net zoals de rest van Europa) nu al geruime tijd omstandigheden hebben die ongunstig zijn voor aerosols en superspreading events. Zelfs als die per ongeluk toch nog plaatsvinden. En dus zie je dat ook bij ons de cijfers richting nul gaan.

Als je naar de ziekenhuisopnames in Nederland kijkt zoals die op 27 mei door het RIVM werden gemeld, dan zie je heel goed wat er in Nederland gebeurd is.

 

Het is in deze grafiek niet goed te zien, maar hij loopt tot 26 mei. Daarom vergroot ik hieronder dus het laatste deel. Op 23 en 24 mei waren er namelijk 0 ziekenhuisopnames.

Besef dat bij ziekenhuisopnames een vertraging is van twee weken. Dus eigenlijk geven deze cijfers aan dat al op 10 mei vrijwel niemand in Nederland meer is besmet (behalve in de vleesindustrie).

Vandaag 28 mei, dus twee weken later, zal het getal nog lager zijn en ik denk dat het nu vrijwel nul is. (Besef dat als er in heel Nederland bijvoorbeeld 200 nieuwe besmettingen zouden plaatsvinden, dat het nog steeds maar om 1 op de 85.000 inwoners gaat.)

Als je daarnaast weet dat er in vele delen van het land al meer dan een week geen nieuwe ziekenhuisopnames zijn (dus drie weken geleden geen nieuwe besmettingen, conform de norm dat elke 200 besmettingen tot 1 ziekenhuisopname leidt), dan begrijp je misschien nog meer wat een domme beslissing het van de regering is (op advies van RIVM/OMT) om toch nog te wachten tot 1 juli a.s. voordat bijvoorbeeld sportscholen geopend kunnen worden.

Want zelfs als het zo zou zijn, dat iemand die intensief sport een ander kan besmetten, dan moet er natuurlijk wel een besmet persoon aanwezig zijn om dat te doen. En die laatste kans is in grote delen van het land nul en in andere delen heel klein.

Het is een perfecte illustratie van hoe RIVM/OMT en de regering volledig de weg kwijt zijn bij hun afwegingsproces van de risico’s van bepaalde beslissingen. De grote meerwaarde van sport voor de gezondheid van mensen wordt ondergeschikt gemaakt aan de hele kleine kans dat mensen op dit moment besmet kunnen worden. Zeker als men de ventilatie goed regelt is die kans helemaal nul.

Op basis van dit bovenstaande doe ik de volgende uitspraak:

In Nederland komen er tot ergens in september/oktober nauwelijks nieuwe besmettingen bij. Het aantal is al heel laag en zal heel laag blijven. Behalve als men niet snapt hoe besmettingshaarden als in de vleesverwerkende industrie moeten worden bestreden.

Dit zal ook geval zijn in de rest van Europa.  In sommige landen gelijk met Nederland en in andere landen wat later.

De gevolgen dat dit nog steeds niet wordt (h)erkend door RIVM en OMT zijn enorm groot voor economie, samenleving en volksgezondheid.

Ik ben bang dat Ab Oosterhuis ook op dit punt pas over 7 weken tot dit besef komt.

Maar als je gewoon nuchter naar de wereldwijde cijfers kijkt vanaf februari tot nu, dan is dit de enige logische conclusie.

Hadden we maar een RIVM gehad met de instelling als de FHI in Noorwegen! Daar heeft men sinds begin mei al veel meer toegelaten.

Dit las ik op 8 mei

En wat denk je wat er gebeurd is met de ontwikkeling van het aantal nieuwe besmettingen in Noorwegen? Tussen 21 en 27 mei zijn er maar 10 nieuwe besmettingen per dag geconstateerd en het aantal sterfgevallen is gestegen met NUL in die periode.

Waarom leren we niets van wat we in het buitenland zien gebeuren? Wanneer dringt dit soort informatie nu door tot de mensen in de regering, degenen die hen adviseren en bij de Nederlandse media?

Waarom ik boos ben

Bij Op1 gisteravond bleek Ab Osterhaus tot dezelfde conclusies gekomen, als die ik begin april al trok en in dit blog beschreef. De titel was “Eureka, dit zijn de verspreidingsversnellers: de aerosols”.

Op basis van onderzoeken die ik bestudeerd had en het geweldige krantenartikel in de L.A. Times over het superspreading event bij het koor in de buurt van Seattle, kwam ik op 2 april o.a. tot de conclusie dat: Bij hogere specifieke luchtvochtigheid (en goede ventilatie in ruimten) treedt het effect van de besmetting via aerosols (vrijwel) niet op”.

Besef dat prof. Blocken, die ook in de uitzending was, maandag ook al heel expliciet had gezegd dat aerosols verantwoordelijk zijn voor de vele besmettingen in zorginstellingen.

Begin april was het al duidelijk (o.a. in Spanje en Italie) dat er in bejaarden- en verpleeghuizen grote uitbraken hadden plaatsgevonden.  Er waren veel van die instellingen waar vrijwel iedereen was besmet en waarvan een niet gering deel ook was overleden.

Op 2 april besefte ik dat het grote gevaar niet het gebrek aan mondkapjes was, maar het gebrek aan ventilatie en lage luchtvochtigheid. En dat daardoor dus vele ouderen onnodig besmet zouden worden en zouden overlijden.

Ik heb geprobeerd die informatie gepubliceerd te krijgen in kranten. De reactie die ik kreeg, was dat ze die informatie hadden voorgelegd aan virologen, maar dat er geen bewijs was voor mijn conclusies. Ik probeerde om met die informatie bij Op1 aan te schuiven en het duurde ruim 2 weken voordat ik mocht komen. Maar omdat mijn bevindingen niet gedeeld werden door de usual suspects van het OMT, werd ik nadien in onder meer tv-kritieken weggezet als een amateur-viroloog (één van de 17 miljoen) die terug moest naar zijn Ikea-bureautje.

Achter de schermen heb ik mails gestuurd naar behoorlijk wat politici om ze te waarschuwen voor de ramp die zich aan het voltrekken was. Maar zelfs als zij mijn zorgen deelden, was het mantra dat volgens het RIVM (en de andere virologen, die dagelijks op tv verschenen) aerosols geen rol speelden. Als je maar minimaal 1,5 meter afstand hield, dan was je veilig.

Ik was -en ben- niet boos omdat ik nergens gehoor vond. En ook niet omdat Op1 gisteravond niet erkende -laat staan daarop doorvroeg- dat wat er nu gezegd werd, al 7 weken geleden door mij uit geografische patronen en internationaal wetenschappelijk onderzoek was geconcludeerd.

Nee, mijn boosheid betreft de onnodige slachtoffers en de dito schade aan onze economie en samenleving die het slaafs volgen van WHO en RIVM en de mediablokkade voor iedere vorm van wetenschappelijk onderzoek op basis van de nieuwste inzichten, inmiddels heeft veroorzaakt.

Onnodig verdriet en schade, veroorzaakt door de inmiddels grijs gedraaide grammofoonplaat (ja, zo oud is het onderzoek waarop onze gerenommeerde virologen zich baseren) met alle grote hits: “de 1,5 meter- samenleving”, “mondkapjes bieden schijnbescherming” , “ook via muntjes kun je het virus oplopen”, “er is geen wetenschappelijke basis voor aerosolverspreiding”  en “pas op voor de tweede golf”, waarmee de mensen thuis dagelijks de stuipen op het lijf wordt gejaagd. En niet één interviewer die daar enige tegenwicht aan gaf.

Dat is mijn boosheid. Die onnodige angst, verdriet en schade, die als men wel de nieuwste bevindingen mee in beschouwing had genomen, niet hadden hoeven te onstaan.

Een korte recapitulatie van wat er op basis van de nieuwste wetenschappelijke literatuur en van influenza en SARS uit 2003, plus een beetje logisch nadenken, valt onder de categorie “onnodig, en heel schadelijk voor economie, maatschappij en volksgezondheid”:

Buiten is het compleet onnodig. Binnen biedt het geen bescherming, maar zijn andere maatregelen veiliger en veel minder schadelijk voor economie en samenleving.

Onderwijl gingen en gaan er mensen onnodig dood en krijgen economie en samenleving onnodige klappen. Plus dat ook veel mensen (en ik krijg hierover dagelijks vele mails) al meer dan twee maanden lang in een vorm van hysterie leven door de -veelal ongebaseerde- angstverhalen over risico’s die je zou lopen).

Ik voorzie dat we, zelfs als de overheid snel een totaal ander beleid gaat voeren (wat ik betwijfel) de komende jaren door een heel zware periode zullen gaan. Economisch wereldwijd, maar ook met veel sociale onrust en spanningen binnen de samenleving en tussen landen. Het zou me niets verbazen als het de periode van de dertiger jaren van de vorige eeuw naar de kroon zal steken.

Wat ik wil voorkomen is dat als er ooit een parlementaire enquête komt, er wordt vastgesteld dat de schade voor ons land “met de kennis van nu” veel lager had kunnen zijn geweest. Spoiler alert: die kennis bestaat al een tijdje. Ze wordt alleen niet door het RIVM en het OMT gecommuniceerd en door de regering omarmd.

Besef dat onderzoek uitwijst dat 80% van alle COVID-19 besmettingen via aerosols tijdens superspreading events plaatsvinden. En dat buiten Den Haag inmiddels erkend wordt dat die vorm van besmetting veel meer plaatsvindt dan via contact binnen 1,5 meter. Vraag het bijvoorbeeld de belangrijkste adviseur van Angela Merkel, topviroloog Christian Drosten. In dat land wordt momenteel overwogen om de 1,5 meter-regel per 1 juli af te schaffen.

Hooguit 20% van alle besmettingen verloopt volgens de laatste inzichten niet via aerosols, en ik ben ervan overtuigd dat dit percentage dichter bij 0% ligt dan bij 20%. Want ook thuis spelen aerosols een duidelijke rol.

Wat blijft er dan nog over van de haast hysterische wijze waarop we (zelfs ook buiten, gekker kan het niet) de 1,5 meter-afstand hebben ingevoerd en handhaven? Nog een keer herhaald: onnodig, onveilig en onhaalbaar, met gigantische extra schade voor economie en samenleving.

Benieuwd of het nu ook weer 7 weken duurt voordat die conclusies gemeengoed worden.

En ondertussen loopt de schade dagelijks verder op: voor ondernemers en werknemers, voor burgers en samenleving  En zeker ook voor de volksgezondheid.  En nog steeds wordt dat door veel burgers geaccepteerd, omdat ze nog de naweeën ervaren van de veelal onterechte bangmakerij die we dagelijks over ons heen kregen gestort. Burgers, die nog amper beseffen welke ramp echt op ze afkomt, t.a.v. werk en inkomen, t.a.v. de stabiliteit van de samenleving en het volledig uit balans geraken van de relaties tussen landen in Europa en in de wereld.

Daarom ben ik boos, want het was en het is niet nodig.

Slachthuizen en waarom het zo mis gaat met ons (RIVM-)beleid

Als je niet weet waarom er iets mis gaat, dan kun je niet de juiste maatregelen nemen om het te voorkomen. Dat was en is mijn grote kritiek op het coronabeleid in Nederland (en trouwens in heel veel andere landen ook, omdat het allemaal gebaseerd is op de uitgangspunten van de WHO).  Lees meer